PARIJS IN EMMELOORD

in 1969, van 25 juni – 5 juli ,

De Parijse Week eind jaren zestig was éénmalig, maar staat nog in het geheugen gegrift van menig oudere polderbewoner.
Dit evenement, waarbij de winkelstraat De Lange Nering in Emmeloord één week als klein Parijs werd ingericht, trok vele bezoekers.was een ander hoogtepunt,
Bernard Geurtzen  wilde als voorzitter van de Ondernemersvereniging laten zien, dat behalve op agrarisch gebied de gemeente Noordoostpolder nog veel meer te bieden had.
Als voorzitter van het stichtingsbestuur heeft hij zich enorm ingezet.


Artikel in de Telegraaf : 

Van de Emmeloordse kant af, op het puntje van de Noordoostpolder, stond Ik bij de in aanbouw zijnde brug op de hoogte van Lelystad, die dit jaar nog klaar kan komen.
Rechts tekende het silhouet van het voormalige eiland Urk zich af tegen het zonovergoten IJsselmeer. Links was de verhoogde terp en het geboomte
van Schokland zichtbaar.
Als de brug, waaraan in versneld tempo gewerkt wordt, klaar is, zal Emmeloord nog maar een tachtig kilometer van Amsterdam verwijderd zijn, tegen de honderd-
dertig, die nu nog het omrijden over Kampen in beslagneemt. Emmeloord wordt dan het verkeersknooppunt van het westen naar het oosten en het
noorden met een klaverblad van prachtige wegen, de centrale pleisterplaats van wat eens de Zuiderzee heette.
Het is nu al, alsof de stad van 13.000 inwoners haar ongeduld niet bedwingen kan om haar pioniersgeest ten toon te spreiden.
Het is alsof de organisatoren van de uitdagende manifestatie „Parijs in Emmeloord” Nederland duidelijk wilden maken: „Wij zijn er, en wij zijn
van plan groot te worden”.
Het is die onverzettelijke pioniersgeest, die vooruit denkt en tot daden komt, die de onvermoeibare voorzitter van het werkcomité, textielman
Bernard Willem Geurtzen, tot de overtuiging heeft gebracht:
„Ze (dat zijn wij dan in het westen) moeten het idee kwijtraken, dat we een polder zijn”. Dat is de wonderbaarlijke bezieling van het nieuwe land,
die bergen deed verzetten en die in Emmeloord Arcs de Triomphe, de Paris en Gares du Nord deed verrijzen, als een opwekking, misschien zelfs wel een waar-
schuwing, dat men zich tot doel stelt niet in een gezapig isolement te berusten, maar dat men deel wil nemen aan de maalstroom in deze
wereld. Industrie en bedrij vigheid zijn onmisbaar om het tot dusver hoofdzakelijk agrarische karakter van de Noord-oostpolder een gevarieerder
en levendiger achtergrond te geven, en het is daarom dat men op de provocerende gedachte „Parijs in Emmeloord” gekomen is.
Maandenlang heeft men aan alle voorbereidselen gezwoegd. Voorzitter .Geurtzen (gewapend met een tolk) heeft daarvoor in Parijs alle
besprekingen gevoerd, met een ijzeren geduld alle hinderpalen omver zagend, en zijn buit was liefst 500 artiesten van diverse pluimage die het feest thans opluisteren.
Slechts één hinderpaal bleek niet te nemen. Bijna was Geurtzen er in geslaagd Bri- gitte Bardot persoonlijk uit Tunis, waar zij aan een film
werkt, te ontvoeren naar Emmeloord, maar op ’t laatste moment durfde de filmmaatschappij het risico niet aan.
Als de diva haar voet zou verstuiken, kwam dat . onheil op 150.000 dollar per dag te staan, en daarmee zou de begroting van Emmeloord met eeschrikbarende knal ontploft
zijn. Wekenlang hebben een honderdvijftigtal Emmeloorders een spoedcursus Frans gevolgd om de gasten, die dan ook bijzonder ingenomen zijn met de
-hartelijke ontvangst, vaardig te woord te kunnen staan. De algehele verbroedering tussen Parijs en de polder loopt dan ook van een leien dakje.
Bij een stevig glas Pernod heb ik op het terras van hotel het Voorhuys van Pierre Mlchel Labeyrie van de steltlopers uit de Landes de loftui-
tingen aangehoord over de Emmeloorders, het feest en het landschap.
Ondanks het snelle tempo, waarin wij consumeerden, viel de man niet van zijn hoge stelten af, toen hij nauwelijks een uur later op het toneel
van het Casino de Paris als aanvoerder van zijn balletgroep op stelten een fraaie dans in een ijzingwekkend tempo uitvoerde. Natuurlijk,
do man kwam uit de streek van de Armagnac en dan is men wel aan een versnapering gewend, maar zittend in de «aal, was het mij soms angstig
te moede.
JACQUES GANS