Bant

De naam Bant is afgeleid van de landerijen van Bant of Bantega, die ooit gelegen waren in de huidige gemeente Lemsterland en die zich uitstrekten tot in het gebied wat nu de Noordoostpolder is.

Het kamp Westvaart nabij Bant is na de oorlog nog een NSB-kamp geweest.
Het kamp was voorzien van wachttorens en bewakers met karabijnen.
Er hebben diverse prominente NSB’ers gevangengezeten.
Hr. Gunnink, een voormalig hoofd van de Meppeler ondergrondse, was er toen kampcommandant.
Op enig moment is in dit kamp een proef opgezet die inhield dat de gevangenen een contract ondertekenden waarin ze verklaarden niet te zullen vluchten in ruil voor volledige vrijheid binnen het kamp.
Ieder heeft toen getekend en er is ook nooit iemand gevlucht. later is deze proef opgeheven maar omdat ieder zich aan de afspraak had gehouden kreeg iedereen zijn vrijheid, en mocht naar huis, alleen de resterende tijd die men nog moest uitzitten, moest men als gewoon arbeider uitdienen.

In 1998 werd een groot gedeelte van de film Abeltje in het dorp opgenomen.
Zo was de voormalige hervormde kerk decor voor het warenhuis. Het kerkgebouw is inmiddels verkocht aan een particulier.

In juni 2011 vierde Bant zijn zestigjarige bestaan.
Hoewel Bant maar een klein dorp is beschikt het over de nodige voorzieningen.
Zo is er de multifunctionele accommodatie Bantsiliek, dat in 2009 mee deed in de finale van de verkiezing Mooiste kerk van Nederland van het NCRV radioprogramma Plaza.
Het gebouw kreeg de meeste stemmen maar tot winnaar werd uiteindelijk de Willibrordusbasiliek in Hulst uitgeroepen.

Bant in the picture

Raadslid Wielenga ontkent dubbele pet bij komst mestsilo’s

VVD’er Bouke Wielenga uit de Noordoostpolder ontkent dat hij als raadslid en makelaar een dubbele pet heeft opgehad bij de komst van de mestsilo’s in Bant. Hij heeft die zaken naar eigen zeggen strikt gescheiden gehouden.
Dinsdag 6 augustus – Omroep Flevoland


Bouw mestsilo’s Bant mag voorlopig doorgaan

De bouw van zes mestsilo’s op het bedrijventerrein van Bant mag voorlopig doorgaan.
Dat heeft de voorzieningenrechter in Lelystad donderdag besloten tijdens een spoedprocedure. Die was aangespannen door omwonenden.
Donderdag 1 augustus 2019 | Omroep Flevoland

Oude luchtfoto’s Bant

Kunst in Bant

Bant - muurschildering-vlakje.png
muurschildering
Bant - Oerbomen-vlakj.png
Oerbomen
wrak-queen-anne-vlakje.jpg
Scheepswrak Queen Ann
SocSof-Bant-vlakje.jpg
Social Sofa Bant
Bant - Zonder-titel-bant.png
zonder titel

Enige plaatjes

De naam: Bant

BANT is genoemd naar het vroegere Bantega of Bant in Lemsterland, waarvan de landerijen zich ver naar het zuiden, dus tot in het huidige poldergebied, uitstrekten. Na de oorlog is Bantega ook de naam geworden van een dorp op het oude land, iets ten noorden van de polder.
Bant zit ook in Suiftarbant, eertijds op de Veluwe, waamaar Swifterbant is genoemd, in Teisterbant in Gelderland en in Brabant. De betekenis is ‘streek’, ‘gebied’.
Daarnaast is er een ander woord bant met de betekenis ‘bentgras’, gras dat op vochtige zandgrond voorkomt. In die betekenis komt het voor in de Banten, een streek bij Siddeburen en, dichter bij huis, in Vollenhove. In het dialect van Vollenhove komt bente als soortnaam voor weiland voor. Met bent of bente zijn een aantal Vollenhoofse namen gevormd. In Lemsterland verschijnt Banterakkers als veldnaam.

Vlag van Bant

De Banterweg

De Banterweg is ouder dan Bant en dus niet naar Bant maar naar het Lemsterlandse Bant genoemd. Bant is pas in tweede instantie aan het plan voor de polder toegevoegd. Deze toevoeging heeft onder meer consequenties voor de wegen rond Bant. Aanvankelijk heet de weg van Emmeloord naar Lemmer de Bumaweg.

Later wordt de weg van Emmeloord tot Bant Banterweg en van Bant tot Lemmer Lemsterweg. Deze benaming heeft weer tot gevolg dat de oude Lemsterweg een nieuwe naam moet krijgen en wordt voor Friese Weg gekozen. Later verandert in Rijksweg 50, nu A6. Van de oorspronkelijke benamingssystematiek is dan niets meer over. De naam Banterweg komt niet helemaal uit de lucht vallen. Aanvankelijk is het de naam voor de weg die nu Schoterpad heet. De Banterweg, ook wel N718 is een provinciale weg. De weg loopt, globaal gezien, noord zuid en is zes kilometer lang.
Hij wordt aangelegd in 1941. Eerst is er een pontje om de Creilervaart over te steken. In 1950 wordt de brug gerealiseerd. Het fietspad komt begin jaren zestig gereed. De brug moet worden verbreed. De boeren langs de Banterweg raken een strook land kwijt. Als compensatie krijgen zij de ijzeren hoekprofielen uit de brug waarmee de afscheiding fietspad en tuin wordt gemarkeerd.

Banterweg.jpg

Banterweg

Enkele boerderijen hebben nog steeds deze witte hekjes langs het fietspad.
De Banterweg is eerst een klinkerweg. Later wordt deze geasfalteerd. Tussen de weg en het fietspad staan bomen, maar de boomwortels groeien dwars door het asfalt van het fietspad en zorgen voor levensgevaarlijke situaties. De bomen worden gekapt en vervolgens wordt aan de westkant van de Banterweg een dichte singel, later solitaire bomen en daarna weer een singel aangeplant.

Straten en wegen

Op grond van de naam Banterakkers in Lemsterland heeft men voor Bant straatnamen gekozen die met de akker samenhangen: NOORDAKKER, ZUIDAKKER, INSTEEK, KORTE OMGANG, LANGE OMGANG, NOORDWEND en ZUIDWEND. Een ‘wend’ is het eind van een akker, daar waar de boer de ploeg moet keren of wenden. Ook voor de meer recente uitbreiding werden namen uit de akkerbouw gekozen. De TWEESCHAAR, een straat die ook echt op de akker is gebouwd, herinnert aan de ploeg die hier zijn dubbele voren trok. De OOSTAKKER kreeg zijn naam in 1976. Drie jaar daarvoor had men nog de naam Dwarssteek laten vallen voor een naam die met de akkerbouw niets te maken heeft, DWARSSTRAAT. Net als de andere niet-akkernamen HET MIDDEN en BUITENOM geeft deze naam de ligging van de straat
ten opzichte van het dorpsplan aan. DE GEER had oorspronkelijk een ‘gerende’ (schuin toelopende) richting ten opzichte van de Lange Omgang.
Tot 1998 bestond De Geer uit twee gedeelten: de straat tussen Buitenom en Dwarsstraat, en het doodlopende zijstraatje van Het Midden. Aan dat laatste, doodlopende stukje van De Geer lag maar een woning, maar die bleek vaak onvindbaar: niemand vermoedde, dat ook dat straatje nog De Geer heette. Op verzoek van de bewoner werd het doodlopende De Geer gewijzigd in BOS-
HOEK, en en passant werd dit ook de naam voor het gedeelte van Het Midden waar de Boshoek op uitkomt. Na bijna een halve eeuw hadden deze straatdelen van Bant opgehouden De Geer respectievelijk Het Midden te zijn; voor de overige gedeelten bleven die straatnamen wel gehandhaafd.
De SPORTSINGEL loopt langs de sportvelden.

In 1987 kreeg de nieuwe weg op het industrieterrein langs de Oosterringweg de naam BANTERKADE. De verbinding tussen Banterkade en Oosterringweg werd vijf jaar later HET RISTER genoemd, een naam die weer duidelijk in de rij van Banter akkemamen past. Een ‘lister’ is het strijkbord van een ploeg, dat de aarde omkeert en in de voor weipt.
Ook de noordoostelijke uitbreiding van Bant kreeg in de jaren negentig namen die ontleend zijn aan werktuigen waarmee de akker bewerkt wordt: VOREN-PAKKER (‘werktuig dat de gekeerde ploegsneden aandrukt’), KOOIWIEL (‘kooiachtige constructie om de wielen van een tractor, om al te diep wegzakken te voorkomen’) en DE MARKEUR (‘grote hark die over het veld getrokken wordt en waarvan de tanden de afstand van de rijen aangeven waar gepootof geplant moet worden’). De verbinding tussen deze wijk en Tweeschaar krijgt bij die gelegenheid ook de naam Tweeschaar.

De BANTERWEG is ouder dan Bant, en dus ook niet daarnaar, maar naar het Lemsterlandse Bant genoemd. Bant, en ook Creil, Tollebeek en Kraggenburg
zijn pas in tweede instantie aan het plan voor de polder toegevoegd. Die toevoeging had onder meer consequenties voor de wegen rond Bant.
De oorspronkelijke naamgeving van de belangrijkste wegen en vaarten was bijzonder logisch van opzet. De drie hoofdvaarten heten naar de respectieve  bestemmingen van het scheepvaartverkeer Lemster-, Urker- en Zwolse Vaart.
Naast deze vaarten liggen wegen die dezelfde namen droegen: Lemstenveg, Urkerweg en Zwolsche Weg – de laatste werd trouwens al snel omgedoopt in Vollenhoverweg. De namen van de wegen aan de overzijde van de vaarten ontbrak het al evenmin aan logica. De weg die naar Friesland leidde werd genoemd naar de Fries ir. A. Buma, oprichter en eerste voorzitter van de Zuiderzeevereniging, de weg die naar het westen gaat kreeg de naam van de Amsterdammer mr. G. Vissering, voorzitter van de Zuiderzeevereniging en ondervoorzitter van de Zuiderzeeraad, en de weg naar het oosten werd genoemd naar het Drentse Tweede-Kamerlid mr. H. Smeenge, onvermoeibaar propagandist voor de inpoldering. Dit toonbeeld van overzichtelijkheid heeft het niet lang volgehouden. De Visseringweg werd Karel Doormanweg, de Smeengeweg en de Bumaweg verloren hun naam bij de aanleg van Kraggenburg respectievelijk Bant. De Smeengeweg ging Leemringweg/Kraggenburgerweg heten, de Bumaweg werd
van Emmeloord tot Bant Banterweg en van Bant tot Lemmer Lemstenveg. Dat had weer tot gevolg dat de oude Lemsterweg een nieuwe naam moest krijgen,
en daarvoor koos men Friese Weg (inmiddels Rijksweg 50). Van de oorspronkelijke systematiek is dan niets meer over.
De naam Banterweg komt niet helemaal uit de lucht vallen: dat was de naam voor de weg die nu Schoterpad heet. De namen van Vissering, Buma en Smeenge leven voort in die van de gemalen die zich aan het eind van de Urker-, Lemster- en Zwolse Vaart bevinden; vlakbij de wegen die ooit naar hen genoemd waren.

De OOSTERRINGWEG, het oostelijke gedeelte van de ringweg door de polder, gaat te Bant over in het noordelijke gedeelte, de NOORDERRINGWEG.
Parallel aan de Noorderringweg lopen de POLENWEG en de POLENTOCHT. Ze zijn genoemd naar Lipowski, Sloma, Brillowski en Pufelski, Poolse soldaten in Duitse krijgsdienst, die contact onderhielden met de illegaliteit. Deze was daardoor op de hoogte van Duitse plannen om de polderdijk op te blazen. De algemeen verbreide opvatting, dat de Polen een aandeel hadden in het voorkomen daarvan, is later weersproken SCHOTERWEG, SCHOTERPAD en SCHOTERTOCHT heten naar het achterliggende Schoterland. Naar het Wellerzand bij Kuinre zijn de WELLER-ZANDWEG en de WELLERZANDTOCHT genoemd.

De brug waarmee de Oosterringweg over de Lemstervaart wordt geleid, heette Banterbrug. Heette, want het is maar de vraag of de huidige oeververbinding ook recht heeft op een naam. In de  noordoostpolder hebben alleen de beweegbare bruggen een naam gekregen; de bruggen over de Emmeloorder gracht zijn een uitzondering, maar de namen daarvan zijn dan ook pas naderhand tot stand
gekomen. Bij de aanleg van Rijksweg 50 is de Banterbrug (en ook de Ruttense Brug) in het viaduct over die weg opgenomen. Zij verloor daarmee haar beweegbaarheid en daarmee dus eigenlijk het recht op haar naam. Weliswaar gebeurde dat nooit bij officieel besluit, maar het is niet aannemelijk dat deze brug, in status niet te onderscheiden van een brug over een tocht, in tegenstelling tot die tochtbruggen wel een naam zou hebben.
bron: Harrie Scholtmeijer. Namen in de Noordoostpolder 

Het DNA van Bant

Even voorstellen

Bant ligt op de kruising van de weg Emmeloord-Lemmer (die evenwijdig aan de A6 loopt) en de weg Creil-Luttelgeest (Oosterringweg). Het kleine bedrijventerrein, dat reeds bestond voor de realisatie van het dorp, ligt op enige afstand aan de Lemstervaart. Bant werd ontworpen, omdat in het grote gebied ten noorden van Emmeloord een woon- en verzorgingskern nodig was.
Bant is genoemd naar Bantega of Bant dat zich in Friesland bij De Lemmer bevond. De landerijen strekten zich uit tot in het huidige poldergebied.

bant-voorstellen
Luchtfoto Bant, 2007

Historie

Tijdsbeeld

tijdsbeeld1 tijdsbeeld2 tijdsbeeld3
Kerken
In de jaren vijftig zijn de verschillende levensbeschouwelijke zuilen herkenbaar; de drie kerken zijn elk op afzonderlijke ansichtkaarten in beeld gebracht.
Wonen
Propere woningen en aangeharkte voortuintjes tonen het pioniersbestaan in de polder.
Het boerenbedrijf
Ook Bant profileert zich als dorp in een agrarische omgeving.
tijdsbeeld4 dia-3-2a-b tijdsbeeld6
Kerken
In de beginjaren staan de nieuwe gebouwen in een nog kaal landschap, zoals bovenstaande foto van de gereformeerde kerk illustreert.
Kerken
Ook in latere jaren presenteert Bant zich als gelovig dorp. Wel verandert de functie van sommige kerken: de Bantsiliek is nu bijvoorbeeld een multifunctioneel centrum.
Dorpsleven
Opvallend is dat het beeld van Bant in de jaren zeventig en tachtig niet wezenlijk afwijkt van het beeld uit de jaren vijftig en zestig. Nog steeds is het een dorp van gezinnen, veelal in de agrarische sector werkzaam.

Ontwerpgedachten

Bant ontstond op het moment dat de Directie van de Wieringermeer overstapte van een zeven-dorpen-plan naar een tien-dorpen-plan voor de Noordoostpolder. Luttelgeest werd opgesplitst in twee dorpen. Het ene deel schoof naar het Noorden en werd Bant. Het tweede deel hield de naam Luttelgeest en schoof zuidwaarts. Hierdoor bevonden de nieuwe en oude dorpen zich niet te dicht in elkaars nabijheid. Kuinre kon haar verzorgingsfunctie behouden. Bant werd gebouwd vanaf 1951. Architect Th. G. Verlaan van de bouwkundige afdeling van de Directie ontwierp de dorpsplattegrond voor maximaal 1.000 inwoners.

Verlaan ontwierp Bant op de scheiding van twee verkavelingsblokken in de polder. De richtingen van de verkaveling zijn terug te herkennen in de dorpsplattegrond en bepalen de richting van de infrastructuur. Hij legde het dorp ten noordoosten van het kruispunt van dorpenring en route naar Emmeloord. De dorpenring liep door een groen dorpsveld. Door Verlaan voorgesteld als ‘bloemrijk’ dorpsveld. Verlaan zag dit veld als een grote groene zijbrink van de dorpsbrink, het centrale plein. Met de groene mantel aan de westzijde van het dorpsveld en de dorpenring en het dorp met dorpsbrink aan de oostzijde werden veld en weg naar zijn idee onderdeel van het dorp. Bijkomend voordeel was dat het verkeer niet door het dorp liep.
Nu Bant aan de afslag van de A6 ligt en daarmee een belangrijke entree vormt naar de Noordoostpolder, blijkt dit laatste een verstandige keuze. De intensiteit van het verkeer maakt dat het dorpsveld minder functie voor het dorp heeft dan Verlaan had gehoopt. Hierbij speelt ook dat de dorpsbrink wordt afgesloten door twee in plaats van één gebouw. De oversteek naar de groene mantel vanaf de brink is minder aantrekkelijk dan oorspronkelijk bedacht. Het plan laat een opening in de groene mantel zien, een vizier naar de polder, dat niet tot uitvoering is gekomen.

Typisch Bant
Bant herken je aan haar lange dorpswand aan het groene dorpsveld. De Bantsiliek vormt de afronding aan de zuidzijde, de voormalige protestantse kerk beëindigt de dorpswand aan de noordflank. De dorpsbrink is bescheiden en relatief omsloten. De dorpsmantel van Bant ligt grotendeel los van het dorp, door de infrastructuur van het dorp gescheiden.

ontwerpgedachten-bant01 0ab2a1a745
Bant, twee afbeeldingen van het ontwerp door architect Th. G. Verlaan, 1949.

Ontwikkeling

In 1950 werd het ontwerp van Bant door de Directie van de Wieringermeer goedgekeurd. Een jaar later werd reeds met de bouw begonnen. In de afgelopen dertig jaar is Bant in omvang gegroeid. Het inwoneraantal is echter nagenoeg gelijk gebleven. Wellicht door de ligging aan de snelweg komt Bant meer in trek als woon-werk locatie. Bant groeit momenteel in oostelijke richting, naar de snelweg en het water toe. Aan deze zijde van de kern is de groene mantel van oudsher het minst stevig. Het aangezicht van het dorp aan de westkant is nog vrijwel intact. Ook het bedrijventerrein, dat losgekoppeld is van de kern, neemt in omvang toe.

Bant-topkaart-1953 ontwikkeling2 10
1953 1974
Bant-topkaart-1995 01 ontwikkeling4 10
1995 2006

Dorps-DNA

DNA-Bant

Identiteit

Landschap

dia_7-1  dia_7-2  dia_7-3
Langswegdorp
Bant is een langswegdorp. De polderring (in groen aangegeven) gaat weliswaar door de groene mantel en langs de Bantsiliek, maar de ring doorkruist de dorpskern niet.
Dorp volgt verkaveling
Bant ligt op een scheidslijn van twee polderrichtingen. De hoofdvorm van het dorp volgt de richting van het kanaal (oost). De groene mantel aan de westkant volgt de andere richting.
Groene mantel
De groene mantel omsluit aan alle zijden het dorp. Aan de zuidwest-zijde is de groene mantel het stevigst (in verband met de wind). Het bedrijventerrein ligt los van het dorp aan het kanaal. Hier ontbreekt de groene mantel.
dia-8-en-9-luchtfoto
identiteit5 identiteit6 identiteit7
Duidelijke dorpsgrens (1)
De dorpsrand van Bant wordt bij de hoofdentree aan de westzijde door de groene mantel en een groene weide bepaald.
Ieder dorp zijn eigen gezicht (2)
Het gezicht van Bant wordt bepaald door de Bantsiliek en de rijtjes woningen aan het dorpsveld.
Voorkanten aan het groen (3)
De bebouwing aan de westzijde ligt aan het dorpsveld met de voorkanten naar het groen.

Stedenbouw

dia-10-1-entrees
Vier entrees
Bant heeft vier hoofdentrees tot het dorp. Alle doorsnijden de groene mantel..
dia-10-2

Kerken aan de brink en scholen in de buurt
De kerken (rood omcirkeld) bevinden zich aan de brink en aan het dorpsveld. De scholen (geel omcirkeld) staan bij de kerken in de buurt.

dia-10-3
Schuine lijn
Men nadert het dorp via een schuine lijn. Dit versterkt de overgang tussen het open polderlandschap en de omsloten dorpen.
dia-compact-id-kern-luchtfoto

Compact in de kern
Net als veel andere polderdorpen heeft Bant een compacte kern, misschien wel de meest compacte kern van alle dorpen. De aaneengesloten bebouwingswanden en dichte hoeken versterken de compactheid van de dorpskern.

dia 11-3
De omsloten brink (1)
Behalve Nagele heeft elk polderdorp een dorpsbrink. Een pleinachtige, vaak groen omsloten ruimte waaromheen de dorpsvoorzieningen een plek hebben. Een groter dorp, kreeg een grotere brink, hetgeen bijvoorbeeld de bescheiden brink van Bant verklaart..
bant voorzieningen 2
Voorzieningen aan de brink (2)
Omdat in de Noordoostpolder elke brink anders is, terwijl de woonbebouwing veel gelijkenis vertoont, bepaalt de vorm van de brink, met de daaromheen liggende voorzieningen in grote mate de identiteit van een polderdorp.

Architectuur

Bant: dieprood dorp

kleurschijf-Bant

De bebouwing vormt de stedenbouwkundige ruimte en is hieraan sterk ondergeschikt. Bijzondere gebouwen (bijvoorbeeld de kerken) hebben een bijzondere plaats in het dorp. De entree naar de brink is zeer formeel en bijna symmetrisch. De bebouwing is terughoudend en traditioneel; de woningen zijn uitgevoerd in donkerrode baksteen en voorzien van oranjerode pannen. De kerken zijn traditioneel, maar rijker in materiaal en detail. Bant kent geen modernistische invloeden en is daarom een diep rood dorp.

715328d8f7

Ruimtevormende wanden en autonome gebouwen

In geel worden de belangrijkste ruimtevormende wanden aangegeven. Deze wanden bestaan merendeels uit woningen en winkels en zijn uitgevoerd in een  traditionele, aan het geheel ondergeschikte, architectuur. Rood omcirkeld zijn de autonome en voor de gemeenschap onderscheidende gebouwen.

(De dikte van de lijnen  correspondeert met de mate waarin wand of gebouw de ruimte bepaalt in het dorp).

dia 14-1 dia 14-2 dia 14-3 dia 14-4
Gereformeerde kerk (1)
Deze kerk heeft een prominente plaatsing, zijdelings aan de zijbrink. De architectuur is sober en terughoudend.
Rooms-katholieke kerk (2)
De Rooms-katholieke kerk is zeer prominent geplaatst: zijdelings aan de groene zijbrink, die onderdeel is van de grotere groene ruimte. De kerk ligt beeldbepalend aan de entree van het dorp. Zij heeft een historiserende naar romaanse bouw neigende architectuur, een klassieke massaopbouw en de suggestie van zware muren en constructie.
Hervormde kerk (3)
Deze kerk heeft een secundaire plaatsing, zijdelings aan de hoofdbrink. De architectuur van de kerk is relatief eenvoudig. De detaillering en materialisering zijn sober van karakter.
Scholen(4)
De scholen zijn achterafgelegen en daarmee minder bepalend voor de openbare ruimte. De scholen kennen een vriendelijke, terughoudende architectuur, inmiddels enigszins aangetast door verbouw en uitbreiding.
dia 15-1 dia 15-2 dia 15-3 dia 15-4
Horeca (5) & Sportgebouw (6)Prominent aan weerszijden van de dorpsentree bevinden zich twee ondergeschikte bouwwerken in een arme architectuur (5 en 6). Het Midden (7)
De centrale brink met voorzieningen wordt gevormd door een aantal, stroken bebouwing, bestaande uit twee gemetselde lagen met een kap, uitgevoerd in een rode steen en oranjerode pannen. Hier bevinden zich woningen en winkels. De bouwhoogte en de maat van de brink maken het tot een plezierige ruimte.
Zuidakker (8)
De aan de grote groene ruimte en de doorgaande weg gelegen woningen zijn inmiddels gesloopt. Ze waren uitgevoerd in een zeer sobere traditionele stijl. Belangrijk is de opbouw van twee gemetselde bouwlagen met een kap en de materialisering passend bij het dorp. De korrelgrootte van telkens vier aaneengeschakelde woningen past bij de maat van de groene ruimte.

Lees: bronnen, cookies  & privacy Emmeloord, Noordoostpolder, Flevoland, Poldertoren, Schokland, Urk, geschiedenis, kunst, Flevoland, erfgoed, tourist information, kerkorgels, ziekenhuis, boerderij, schokbeton, gsm masten, 112, politiek, leeuwen, rotondes, werkkampen, Rotgans, Rotterdamse hoek, gemaal, kiekendief, balgstuw, Cornelis Lely, Ramspol, arbeiderskampen, leeuwen, huisjes, monument, herinneringsmonument, Urk

Emmeloord.info - een particulier initiatief - zet onze gemeente op het wereldwijde web - wil slechts een ambassadeur van de Noordoostpolder zijn - is niet commercieel en heeft geen winstoogmerk. Uitsluitend passie. doet zelf geen historisch onderzoek maar toont wel graag bestaand onderzoek