Laboratorium

In de zuid-oost hoek van Noordoostpolder zijn/waren twee laboratoria, in de volksmond genoemd:

het Waterlab

het Luchtvaartlab

Waarom in de polder en waarom in die hoek ?

De net drooggevallen Noordoostpolder zou voor de landbouw geweldig vruchtbare grond opleveren .
Toch waren sommige delen van de polder minder geschikt. Bepaalde delen waren te zanderig, te veenachtig of er was teveel zware keileem.
Bosbouw (Kuinderbos en Voorsterbos) was eigenlijk de enige optie.

De beide laboratoria in Delft en Amsterdam zochten expansie.  En voor het kunnen uitvoeren van proeven was ruimte gewenst.
Hier was de grond goedkoop en waren de energie- en watervoorziening goed geregeld. Ook waren er in de omliggende gemeenten voldoende huisvestingsmogelijkheden voor de medewerkers. Bovendien kon er zonder problemen proefgedraaid worden met lawaaiige motoren, want er waren geen buren waar rekening mee gehouden moest worden. Daarnaast werd de komst van de laboratoria  toegejuicht door het provinciale en lokale bestuur, omdat het de komst van hoogwaardige werkgelegenheid betekende in een agrarische omgeving.

Het Waterloopkundig laboratorium

in 1995 vertrokken naar Delft

Het instituut had twee vestigingen. De hoofdvestiging in  Delft en vanaf 1951 een tweede vestiging in de Noordoostpolder.
Het rekenwerk gebeurde in Delft, de proeven werden gedaan in de polder.
Met behulp van gelden uit het Marshallplan werden tweehonderd meter lange goten voor windgolven en stroming in een overdekte ruimte langs de Repelweg gebouwd voor onderzoek naar de opbouw van havenhoofden en afsluitdammen.
Vanaf de jaren ’80 konden computers steeds beter de waterstromen in kaart te brengen. Grootschalige proeven waren daarom steeds minder nodig.
Daarom besloot het waterlab in 1995 de activiteiten in Delft te concentreren en de vestiging in de Noordoostpolder te sluiten.
In 2008 is het Waterloopkundig Laboratorium opgegaan in Deltares.
Het terrein werd uiteindelijk in 2002 gekocht door Natuurmonumenten. Het kreeg, als deel van het Voorsterbos, de naam Waterloopbos. De watermodellen zijn nog steeds te bekijken; in het bos loopt een wandelpad langs de verschillende waterlopen.

Het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium

in Amsterdam en Noordoostpolder

Net als het waterlab heeft ook het NLR twee vestigingen.
Sinds 1919 een vestiging in Amsterdam en sinds 1957 een tweede vestiging  in de Noordoostpolder.
Ook het NLR heeft lange tijd gefocust op terugbrengen naar één vestiging, maar heeft dat idee een aantal jaren geleden losgelaten.
De vestiging Noordoostpolder heeft de laatste jaren een ingrijpende nieuwbouw ondergaan.
De naam van Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium werd in 2016 veranderd in Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum, met behoud van de afkorting NLR.

Toen

Nu

Nog steeds op het NLR terrein : een Schokbeton landbouwschuur:

Landbouwschuur-maart-2019

Sloop gebouw “De Vrije Vlucht”
26 juli 2019

Binnenkort meer