Polderkrant : De Noordoostpolder 1945

De eerste jaargang nummer 1 t/m 15 zijn hier te zien.

Nederlands Onderduikers Paradijs (N.O.P.)

Het Zuiderzeeplan was uit de jaren ’30,  het droogleggen van de Noordoostpolder viel midden in de tweede wereldoorlog. Dus de Duitse bezetters had het hier voor het zeggen.
Toch toonde zij veel ontzag en interesse in dit project. En natuurlijk lonkte de grote graanschuur voor het grote derde rijk Tijdens de eerste wereldoorlog hadden Duitse frontsoldaten gebrek aan rantsoen.
De werkzaamheden werden gedoogd. Onder strenge voorwaarden werd de polder ontgonnen en klaargemaakt voor landbouw.
Landarbeiders kwamen uit heel het land. De Duitse bezetter verplichtte gezonde Nederlandse mannen om in Duitsland te gaan werken, de Arbeitseinsatz. Voor arbeiders die in de polder het zware werk aan de schop wilde verrichten werd een uitzondering gemaakt.
Natuurlijk kreeg de bezetter wel in de gaten dat er flink misbruik van deze situatie werd gemaakt en dat mensen het werk in de polder verkozen om zich te onttrekken aan deportatie. Ze knepen een oogje toe. Ze vonden dit moerasachtige gebied overigens toch veel te onherbergzaam.
Het zat in de Noord Oost Polder (N.O.P.)  na verloop van tijd zo vol met onderduikers, dat het de bijnaam Nederlands Onderduikers Paradijs kreeg. (Ook wel Niet Over Praten)

pioniershut

Dit duurde tot november 1944. De Duitsers merkten dat geallieerden steeds verder oprukten en kregen het benauwd. En een kat in het nauw …
Een razzia volgde. Veel arbeiders werden bij elkaar gedreven en via Vollenhove naar Duitsland vervoerd.
De meesten kwamen pas na de bevrijding – 5 mei 1945 – weer terug.

Flipje Tiel.

HR-serie-2-nr-7-afOok al was het werk aan de schop ontzettend zwaar, er was animo genoeg. Alles was beter dan naar Duitsland gestuurd te worden.
Soms meldde zich iemand die nog nooit een schop in zijn handen had gehad. Zo iemand was Henk Rotgans. Maar hij kon wel heel mooi tekenen. (onder andere Flipje Tiel) En bij gebrek aan fotografie vroeg  het bestuur hem situatieschetsen te maken.  Overdag ging hij met zijn schetsboek de vlakte op om vervolgens deze schetsen (in aquarel) uit te werken.

Razzia

Op 17 november 1944 namen de Duitse bezetters ongeveer 500 mannen gevangen bij een grootscheepse razzia in de polder, die toen ook bekend stond onder de bijnaam Nederlands Onderduikers Paradijs.
De mannen werden te voet via Vollenhove naar Meppel vervoerd en daar met treinen naar Duitsland gebracht om er te werken in de oorlogsindustrie.

De grote razzia Op de voorgrond een weggetje door de rietvelden. Op de weg staat een mitrailleur Daarvoor en achter staan soldaten met helmen. De voorste heeft het geweer in aanslag..

Bekijk hieronder drie filmpjes met de persoonlijke verhalen van overlevenden van de razzia op 17 november 1944. De filmpjes zijn gemaakt door Rob Bredewout.

Knipmeijer

De man achter het Nederlands Onderduikers Paradijs

algemeen - DeNoordoostpolder.pngIn Nederland zijn 4000 oorlogsmonumenten als herinnering aan de Tweede Wereldoorlog. Achter al deze gedenktekens schuilt een verhaal. De MAX/NPO Radio 1-podcast Verstilde Verhalen vertelt het verhaal van 12 van deze – voor de meeste mensen onbekende – monumenten. Beluister de podcast van verzetsman Bert Knipmeijer

De provincie Flevoland bestond nog niet in de oorlog, maar de Noordoostpolder (NOP) wel. Die was nét drooggevallen en er waren veel landarbeiders nodig. Die kwamen er dankzij Bert Knipmeijer, personeelsfunctionaris bij de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders in Kampen, die hard op zoek ging naar jongemannen die in de polder wilden werken. Dat bleken niet allemaal boerenjongens met ervaring te zijn, maar ook veel mannen die de Arbeitseinsatz in Duitsland wilden ontlopen, en later ook mannen uit het Verzet.

Nederlands Onderduikers Paradijs

De naam van Knipmeijer was tóen in heel Nederland bekend. En nog altijd wordt zijn naam in één adem genoemd met het Nederlands Onderduikers Paradijs, de bijnaam die de NOP kreeg. Maar wie was deze Knipmeijer, voor wie uiteindelijk ver na zijn dood 2 gedenkstenen zijn geplaatst, in zowel Emmeloord als Kampen? Hoe ging hij te werk? En wat dreef hem?

Knipmeijer

In deze aflevering van Verstilde Verhalen vertellen biograaf Herman Broers en dochter Marian Knipmeijer het verhaal van een man die 25 duizend mensen legaal, en toch deels illegaal, aan werk hielp. Ook is in de kantlijn het verhaal te horen van Harry van der Riet die, dankzij de baan die Knipmeijer hem bood, de oorlog overleefde.

Beluister de podcast: Het verhaal Knipmeijer

Harmen Visser

algemeen - omroep-flevoland.pngBron: Omroep Flevoland  

Zowel op Urk, als in Emmeloord en Vollenhove is een plein naar hem vernoemd: Harmen Visser. Wie was deze man die aan drie pleinen zijn naam mocht geven?

Harmen Visser was marechaussee in de eerste oorlogsjaren op Urk en later had hij die functie in Vollenhove. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij leider van het verzet. Vanuit Vollenhove coördineerde hij onder de schuilnaam ‘Ome Willem’ het verzet in de Noordoostpolder. Hij hield zich bezig met illegale droppings van wapens en geld in de net drooggevallen polder en hij onderhield de contacten met de vele honderden onderduikers in de arbeiderskampen.

In de nadagen van de oorlog zette hij alles op alles om zijn Vollenhove te bevrijden. Hij was de gids van de oprukkende geallieerden die op 15 april het oude Zuiderzee stadje innemen. In Vollenhove barst het bevrijdingsfeest los. Op unieke filmbeelden is te zien dat Harmen Visser geniet van de vrijheid, samen met zijn vrouw en kinderen. Dat hij op film is vastgelegd geeft aan wat voor een belangrijk man ‘Ome Willem’ was. De gewonnen vrijheid voor Harmen Visser duurt slechts een dag.

De oude zeedijk
Het is 16 april 1945. Vollenhove is bevrijd en de Canadezen trekken verder naar het noorden, richting Lemmer. De Duitse bezetter blijkt over het IJsselmeer gevlucht naar Noord-Holland. Zonder slag of stoot worden de dorpjes langs de Zuiderzeedijk één voor één ingenomen. Kuinre is vrij en Slijkenburg valt. Harmen Visser rijdt in zijn marechaussee uniform op zijn motor voor op. Bij het gehucht Schoterzijl gaat het mis. Het konvooi wordt beschoten.

Een groep Nederlandse SS-ers heeft als opdracht dekking te geven aan de vluchtende Duitsers. Bij Schoterzijl nemen ze een strategisch punt in met een goed zicht op de verschillende wegen die zich kruizen bij het dorpje. Het oprukkende konvooi onder aanvoering van Harmen Visser op zijn motor is van verre zichtbaar. Bij het eerste vijandige mitrailleur salvo zoekt iedereen dekking achter de dijk. De onverwachte weerstand verbaast de oprukkende geallieerden. Vanuit de dekking van de dijk ziet Harmen dat een van de Canadezen in paniek over zijn motor rijdt. Zijn motor zit klem en zodra hij denk dat de kust veilig is, trekt Harmen Visser de motor los. Het tweede salvo klinkt. Harmen Visser wordt dodelijk getroffen in het voorhoofd.

Begrafenis
Harmen Visser wordt ter plekke begraven door de Canadezen, die geen tijd te verliezen hebben en verder moeten optrekken richting Lemmer. Enkele dagen later wordt hij herbegraven in Vollenhove en ook daarvan zijn filmopnamen. Op de schokkerige zwart-witbeelden is te zien hoe de verzetsman naar zijn laatste rustplaats wordt gebracht.

Over de kist ligt de Nederlandse driekleur. Vol militair ceremonieel wordt het lichaam van Visser naar de begraafplaats gereden. Voor de rouwwagen lopen marechaussees in uniform. Naast de wagen lopen verzetslieden van de Binnenlandse Strijdkrachten en achter de wagen loopt een lange stoet met rouwende familieleden en vrienden.

Als de kist van Harmen Visser het graf bereikt wordt er met stenguns een laatste eresaluut gegeven. Bij het graf ontstaat een bloemenzee van rouwkransen.

Harmen Visser
25-11-1894 – 16-4-1945