Scheepjes in de kerk

Aardig onderwerp voor de website. Binnenkort vast gevolgd.

Het ophangen van een scheepje in de kerk is een zeer oude gewoonte. Meestal werden deze scheepjes geschonken door schippers die hun beschermheilige zo’n scheepje beloofden na een redding. Op Urk hangen in de protestantse kerken één of meer scheepsmodellen: typische Zuiderzee-vissersschepen zoals een botter of schokker. Ze zijn gericht naar Gods woord op de kansel. In de met zicht op de haven gelegen Bethelkerk hangt deze Noordzeeschokker: de UK-34. Het is net als het echte schip op spanten gebouwd en uitgevoerd met oog voor details zoals de boomkor (sleepnet). Visser Jelle Albertszoon Loosman (1842-1925) bouwde het model op achttienjarige leeftijd en schonk het in 1860 aan de Bethelkerk ter gelegenheid van zijn Openbare Geloofsbelijdenis.

Bethelkerk

In de Bethelkerk hangt het model van een vissersschip. Het is een hangend spantmodel Noordzeeschokker, een scheepstype dat in het eerste kwart van deze eeuw van de zee verdween. Het model draagt als nummer UK 34 en werd gebouwd in 1860 door Jelle A. Loosman. Hij schonk het aan de kerk ter gelegenheid van zijn openbare belijdenis. Aan de onderzijde van her vooronderluik bevindt zich een briefje,  waarop staat: “J. A. Loosman in 1860, vernieuwd door G. Ekkelenkamp 1950”.Deze laatste vernieuwde de tuigage en enkele gangen.

Urk-Bethelkerk-scheepje

Petrakerk

Voor het orgelfront staat het model van een vissersschip. Het is een spantmodel, gemaakt van eikenhout en draagt het nummer UK 89. Dit was de laatste zeilbotter van Urk en behoorde toe aan Jelle Hakvoort. Het model is in de Tweede Wereldoorlog gemaakt door Jelle Loosman. Hij was timmerman op Urk en een kleinzoon van de maker van het scheepsmodel, dat in de Bethelkerk hangt.

foto kerkfotografie.nl

Menorahkerk

Opvallend detail in de nieuwe kerk was de in het middenschip hangende ouderwetse, geheel opgetuigde botter. Deze traditie in de verschillende Urker kerken geeft uitdrukking aan de verbondenheid in het dagelijkse werk „de visserij”, aan de Schepper, die winden en zeeën regeert.

Urk-Menorahkerk-scheepje

Kerkje aan de Zee

Herv. Kerk

  1. Model van een viermaster, hangend blokmodel, l.o.s. 84 cm, 36 kanon­nen, XVIII d (XIX a? ).Volgens overlevering zou dit model, dat zoals men ons zei: “in het schip  van de Kerk bange”, in de Bataafse Tijd gemaakt zijn door  Jaap Teunis Woord. Deze Urker  visser zou roet  zijn  maat Arie Jans in die tijd tijdens het vissen bij Texel door een Engels oorlogsschip overvallen zijn; hun schip werd geconfisqueerd en zij zelf werden gevangen geno­men om de Engelsen inlichtingen te geven over het verloop van de stroomgaten en zandbanken, hetgeen zij weigerden. Na enkele maanden wist Arie Jans, na overboord gesprongen te zijn, veilig de Nederlandse kust bij Nieuwediep te bereiken. Jaap Teunis Woord werd enige rijd later vrijgelaten. Ter herinnering aan dit voorval zou hij het model ten geschenke  gegeven hebben aan de kerk. Het model zou het Engelse oorlogsschip voorstellen, waarop hij gevangen gezeten had. De naam van her schip is daarmee niet in overeenstemming. Oorspronkelijk stond. op de spiegel “T. Schip Spitsbergen” (Van Arkel en Wissman V (1902), p. 17; Reijers en Meerman 1921). Die is vóór 1921 door overschildering veranderd in ”De Spitsbergen”. Aan weerszijden van de groen en rood geschilderde spiegel staat een gouden zee-(?) leeuw. Her schegbeeld stelt een leeuw voor.
  2. Model van een turfpraam, staand spantmodel (eiken?), 1.o.s. 128 cm,1912.Hee model is gebouwd en aan de kerk geschonken door de turfschipper]. Spithorst die destijds met een praam uit her Deenre veengebied turf op Urk aanvoerde. Achterop her model staat:”19 12 J.SpitHorse”
  3. Model van een vissersschip, type: botter, staand blokmodel (eiken), l.o.s.24 cm, ca. 1959.Her model draagt her registratienummer UK 78; die schip zou het eigendom geweest zijn van Teunis Woord (of Woort?). De bouwer van het model is Gerrie Ekkelenkamp te Urk. De koster heeft het model ca. 15 jaar geleden boven de kansel voor her orgel geplaatst, waar het nu nog staat .

foto Kerkfotografie.nl

Rehoboth-Kerk

(Gereformeerd vrijgemaakt)

Model van een vissersschip, type: Zuidwalbotter, hangend spanmodel (eiken), 1.o.s. 85 cm, ca. 1947.Het model draagt her registratienummer van het schip van de oudste kerkbezoeker, UK 3. Her model is compleet uitgerust en gebouwd door G.Ekkelenkamp te Urk. Het werd in 1947 in de kerk gehangen. Onlangs werd her model opnieuw geschilderd door de zoon van de koster.

Jachin Boaz-Kerk

(Oud-Geref. Gemeente)

Model van een vissersschip, type: schuit (= schokker), hangend spanmodel (eiken), J.o.s. 80 à 90 cm, ca. 1910 (?).Her model draagt her registratienummer UK 8 en stelt een Noordzee-schokker voor. Her is uitgerust mee een stokkor (oud model), strijk·beugel enz. Hee model werd gemaakt door Jan Bakker re Urk, oorspron­kelijk voor een andere kerk op Urk (de vroegere Chr. Geref. Kerk?),volgens een andere lezing omstreeks 1910 door Alben Tiemens Hakvoort te  Urk  (Van der Molen 1967). Op 18 november  1960 werd het model nadat het een aantal jaren in die andere kerk gehangen had, over­gebracht naar de Jachin Boaz-Kerk, nadat Jelle Kaptein te Urk het model van enkele nieuwe gangen en een nieuwe tuigage had voorzien

Eben Haëzer-Kerk

(Chr. Geref.)

Model van een vissersschip, type: schuit (= schokker), staand spanr­model (eiken), l.o.s. 50 cm, 1961.Her model draagt het registratienummer UK 29. Deze Noordzeeschokker was het eigendom van de schoonvader van de modelbouwer. Laatst bedoelde Jan Koffeman te Urk, bood het model in 1961 aan bij de inwijding van de kerk.

Jeruzalem-Kerk

(Vrijgemaakte Geref. Kerk)

Model van een vissersschip, type: schuit (= schokker), hangend spant­model (eiken), l.o.s. ca. 70 cm, 1973.Het  model draagt het registratienummer UK 3, vermoedelijk van het schip van de ouderling Hendrik Wakker. Het model, dat een Zuider­zeeschokker voorstelt, is gebouwd door Hendrik Visser te Urk ter gelegenheid van de inwijding van de kerk op 21 december 1973.

Gereformeerd centrum

Model van een vissersschip, type: schuit (= schokker), spanmodel (eiken), l.o.s. 82 cm, 1974.Her model, dar een Noordzeeschokker voorstelt, draagt het registratienummer UK 159 van het schip van de vader van de zwager van de bouwer van her model Jan Koffeman te Urk. Op het achterschot onder de hennebalk staat: ”Gelukkig de mens, die als hij gaat naar bed. Zijn rekening met God gedurig effen zet. M.V. Woord en Leven”. (“M.V.” is een afkorting van Mannen-Vereniging). Het gebouw werd geopend op 13 december 1974

De Ark (Herv.)

Model van een vissersschip, type: schuit (= schokker),   staand spant­model (eiken), l.o.s. 80 cm, 1974.Het model, dat een Noordzeeschokker voorstelt, is gebouwd door Jan Koffeman te Urk en draagt het registratienummer UK 150. Dit nummer is gekozen om tweeërlei redenen: het is een verwijzing naar de laatste psalm  en tevens het registratienummer van de schuit van een oom van een kerkvoogd. Op het achterschot onder de hennebalk staat: “Wat is de zee toch groot, o God, en mijn schip is zo klein”. Deze woorden zijn ontleend aan het Hospitaal-Kerkschip De Hoop. Het model is op11 november 1974 op een speciaal daarvoor gemaakt  plateau voor het orgel geplaatst; de kerk werd ingewijd op 14 december 1974.

foto: kerkfotografie.nl

De Poort

Het scheepsmodel, een Botter,  dat in de Poort boven de preekstoel hangt, is gemaakt door Jan Koffeman.

Ichtus

De Ichtuskerk op Urk dateert uit 2012 en is ontworpen door Huls Architecten. De kerk is in gebruik door de Christelijk Gereformeerde Gemeente.

foto”kerkfotografie.nl

Maranatha kerk

De kerk dateert uit 1976 en is ontworpen door E. Smits uit Dokkum.

foto kerkfotografie.nl

foto kerkfotografie.nl

Vrije Gereformeerde Gemeente

De kerk  is in 1895 gebouwd als Christelijk Gereformeerde kerk. Het eenbeukige, in een sobere, traditionele stijl gebouwde kerkje is van het type zaalkerk en is waarschijnlijk gebouwd naar ontwerp van de bouwkundige Van Benthem. De uitvoerder van de werkzaamheden was de firma Klein (en Buis?). In 1938 is het inwendige van de kerk ingrijpend verbouwd. Hierbij is tevens aan de achterzijde een travee toegevoegd en werd het meubilair van de kerk vervangen. Het exterieur van het torenloze kerkje is voor een belangrijk deel intact gebleven. (Bron: Drimble)

foto kerkfotografie.nl

Imanuelkerk

foto: kerkfotografie.nl

Kerk en schip

De traditie om deze schepen in de kerk op te hangen, stamt volgens haar uit de middeleeuwen. „Miniatuurschepen fungeerden als votiefgeschenk. Zeelieden schonken een scheepje aan Maria of een andere heilige, legden hiermee een gelofte af en verwachtten in ruil daarvoor een behouden vaart of goede vangst.” De scheepjes waren meestal van was of van zilver.

Na de Reformatie kwam er een einde aan de traditie van votiefgeschenken. Toch werden nog steeds scheepsmodellen in kerken opgehangen. Deze waren doorgaans van hout. Ze pasten in een andere traditie: die van sierscheepjes. Al sinds de middeleeuwen bouwden zeelieden scheepsmodellen, waarmee ze hun huizen decoreerden. Later werden de modellen ook door ambachtslieden vervaardigd.

Vaak schonken reders, schippers, gilden of de lokale overheid een scheepsmodel aan de kerk. „Uit beroepstrots, maar ook om daarmee hun verbondenheid met de kerkgemeenschap uit te drukken.”

Hoewel de scheepjes geen directe religieuze functie meer hadden, dienden ze niet alleen maar tot verfraaiing van het kerkgebouw. Een gemeente kon ook een model ophangen ter nagedachtenis aan een specifieke gebeurtenis. Het scheepje in de hervormde kerk van Watergang zou gemaakt zijn door een zeeman die als weesjongen naar zee vertrok. Op een van zijn reizen werd hij door Barbarijse zeerovers gevangen genomen en als slaaf verkocht. Met losgeld van de Watergangers kwam hij vrij. Uit dankbaarheid schonk hij een scheepje aan de kerk.

Bron: Kerk en schip – Reformatorisch dagblad

behalve op Urk

In ons land is de traditie omstaan in de oudste protestantse kerk, de Gereformeerde Kerk, die sinds de Bataafse Tijd Hervormde Kerk wordt genoemd.
Het is opvallend dat de gewoonte zich vanaf de 17e eeuw tot heden vrijwel uitsluitend in deze Hervormde Kerk heeft voortgezet. In de vele protestantse Kerken, die zich later van de Hervormde Kerk hebben afgescheiden, werd de traditie niet overgenomen, behalve op Urk.

Gedurende de 19e eeuw scheen ook in ons land de traditie langzaam uit te sterven, maar in de 20e eeuw is zij weer springlevend.
Ofschoon ook in andere plaatsen recente modellen in de kerken aanwezig zijn, neemt Urk toch wel een zeer bijzondere positie in.
Niet alleen omdat alle protestantse kerken op Urk een scheepsmodel bezitten, maar ook omdat de meeste  van deze modellen na de Tweede Wereldoorlog geschonken zijn. Men kan daar van een herleefde traditie spreken. Een scheepsmodel is op Urk sinds kon als ’t ware een vast inventarisstuk in alle protestantse kerkgebouwen  ge­worden. Als er een nieuwe kerk op Urk wordt gebouwd, wordt ogenblikkelijk nagegaan of er een  scheepsmodel voor deze kerk kan worden verworven, hetzij door schenking, of zelfs door aankoop. In geen enkele plaats in ons land zijn er dan ook zoveel scheepjes in de kerken als op Urk. Enig verband met een bepaalde gebeurtenis op zee, zoals vroeger wel  het geval was, is er niet meer. In de kerk hoort een scheepsmodel te zijn, dat is na de Tweede Wereldoorlog een vanzelfsprekendheid geworden in deze vissersgemeenschap. Wel wordt er soms achteraf een min of meer theologisch getinte interpretatie aan gegeven, zoals dat de steven van her model zich richt “naar het Woord”, d.i. naar de preekstoel en dan misschien ook in overdrachtelijke zin: op de verkondiging van God’s woord (Van der Molen 1967, p. 296); maar die heeft uiteraard niets te maken mee een intentie van de schenker.

Scheepsmodellen

Bron : SCHEEPSMODELLEN IN NEDERLANDSE KERKEN

Scheepje

In de hervormde kerk De Bron te Urk hangt een model van een turfschip zoals men dat vroeger in de turfvaart gebruikte

Bommen en botters in het bedehuis

uit het Reformatorisch Dagblad 18 augustus 1998^Door G. Kornet

„Papa, een schip!” „Stil, we zitten in de kerk”. Maar ik moest toch wel kijken naar dat mooie scheepje in de kerk. Logisch dat mijn zoontje zo reageerde. Hij kon een schip niet zo gemakkelijk in verband brengen met de kerk. Willen we iets begrijpen van scheepsmodellen in kerken, dan moeten we terug naar vroeger tijden.

In het buitenland vinden we, vooral in Frankrijk, Zweden, Denemarken en Sleeswijk-Holstein (Noord-Duitsland), veel scheepjes in de kerken. Denemarken is superieur. Daar hangen er zo’n 1400. Wel is er weinig verscheidenheid in de schepen die daar hangen. Ook laat de overeenkomst met de werkelijkheid te wensen over.

De eerste scheepjes die voor de Reformatie in Nederland hingen (voorzover bekend), waren te vinden in Amsterdam (één) en in Edam (twee). Dit waren zilveren scheepjes en waarschijnlijk in verbinding te brengen met de toen aanwezige gilden. Ze zijn met de Reformatie echter uit de kerk verwijderd. Naderhand was men huiverig voor versieringen in de kerken. Later, met de opkomst van de machtige regenten, konden de kerkenraden de druk niet weerstaan om meer versieringen aan te brengen. Vandaar de herenbanken en de schepen. Alles wijst erop dat in die tijd de kerkschepen hun intrede deden.

Wij hebben in Nederland 87 kerkschepen. Het hadden er 96 kunnen zijn. Negen scheepjes zijn echter om de een of andere reden verdwenen.

Men meent vaak dat de meeste schepen in de kerken heel oud zijn. Dat is echter niet het geval. Uit de zestiende eeuw is één scheepsmodel overgebleven, uit de zeventiende eeuw zestien en uit de achttiende eeuw dertien. Uit de vorige eeuw zijn het er maar vier, terwijl het er uit onze eeuw maar liefst 53 zijn. De meeste schepen vindt men in Nederland in calvinistische kerken. In lutherse, doopsgezinde of remonstrantse kerken zoekt men ze tevergeefs. In rooms-katholieke kerken vindt men er in het hele land drie: in Woudsend, in Volendam en in de Amsterdamse St.-Nicolaaskerk. Het laatste is het enige kerkscheepje van Amsterdam. Dat is vreemd omdat Amsterdam vroeger een machtige koopmansstad was die veel met de scheepvaart te maken had. Men zoekt ook tevergeefs kerkscheepjes in de provincie Groningen. Evenmin zijn er scheepjes in het toen machtige Hoorn, Enkhuizen, Harlingen, Veere en Middelburg. Dit in tegenstelling tot Marken, waar men er zeven heeft, en de Grote of St.-Bavokerk te Haarlem, waar er vijf zijn.

Oorlogsschepen
In de hervormde kerken van Alkmaar, Brouwershaven, Blokzijl, De Rijp, Den Oever, Durgerdam, Elburg, Ermelo, Haarlem, Katwijk, Koog aan de Zaan, Kuinre, Krommenie, Krommeniedijk, Noord-Scharwoude, Oostzaan, Rotterdam (Laurenskerk), Schermerhorn, Spaarndam, Ter Heide, Urk, Watergang en Wijk aan Zee zijn prachtexemplaren van historische oorlogsschepen te bezichtigen.

In Kuinre, Egmond aan den Hoef, Haarlem, Jisp, Koog aan de Zaan, Terschelling en Wormer vindt men prachtige vrachtvaarders. Wie wil weten op wat voor vrachtschepen de mensen in de achttiende eeuw voeren, kan dat zien aan het prachtige kofschip in de kerk van Kolhorn. Het volschip uit de Grote of St.-Bavokerk in Haarlem is daar ook een voorbeeld van. In de Nieuwe Kerk van IJmuiden hangt een prachtige driemastbark uit de vorige eeuw. Waren de schepen tot aan de negentiende eeuw alle van hout, die laatste zal van ijzer of van staal geweest zijn.

Walvisvaarders
Walvisvaarders treffen we aan in de hervormde kerken van Hollum (Ameland) en Huisduinen. Een statenjacht hangt in de hervormde kerk op West-Terschelling. In Vlissingen en op Oost-Vlieland hangen loodskotters. Dit zal te maken hebben met het feit dat Vlissingen altijd al een belangrijk loodsstation is geweest voor Antwerpen, Gent en Terneuzen.

Binnenvaartvrachtschepen, een lemsteraak, vinden we in de rooms-katholieke kerk van Woudsend. In de hervormde kerk De Bron te Urk hangt een model van een turfschip zoals men dat vroeger in de turfvaart gebruikte, en in Spaarndam hangt een pracht van een smakscheepje.

Verder is er een heel scala aan visserijschepen. Waarschijnlijk verreweg de meeste zijn schenkingen en gemaakt door modelbouwers uit deze eeuw. Met vissersschepen ligt het toch weer anders dan met de oorlogs- en vrachtschepen. Werden die laatste meer geschonken door rijke regenten of kapiteins die hun schaapjes op het droge hadden, vissersschepen kwamen voort uit een geheel andere cultuur. De visser en zijn schip waren vroeger één. Daarmee deelde hij lief en leed.

Het is echter frappant dat er bijvoorbeeld op Urk in verschillende kerken bij elkaar twintig scheepjes te vinden zijn, terwijl ze in vissersplaatsen als Delfzijl, Harlingen, Den Helder, Scheveningen, Goedereede, Bruinisse en Yerseke ontbreken.

Tussen de modellen van de vissersschepen is nogal wat verschil. Men kent loggers, kotters, bommen, botters en schokkers. Loggers (of haringloggers) werden vooral voor de haringvangst gebruikt en hadden meestal Vlaardingen als thuishaven. Maar in Vlaardingen hangt desondanks geen enkel model. Wel hangen in de kerk van Maassluis een hoeker en een haringbuis uit 1649. We vinden een model van een stoom- en motorlogger in Marken en in Egmond aan Zee hangt een viskotter.

Bommen
Bommen hadden vroeger Katwijk en Scheveningen als thuishavens. Deze plaatsen hadden in de vorige eeuw geen haven. Bommen waren erop gebouwd om door paarden op het strand te worden getrokken. Met de eeuwwisseling kreeg Scheveningen een haven en verdwenen de bommen. Begrijpelijk, want een bom was een moeilijk en in principe onzeewaardig schip. Mooie bomschepen hangen in de Oude Kerk en de Ichthuskerk in Katwijk. Ook in de hervormde kerk te Egmond aan Zee hangt een prachtig model van een Scheveningse bom.

De blazer was ook een onzeewaardig schip, omdat hij kort was en weinig diepgang had. In de gereformeerde kerk te Moddergat hangt zo’n mooie blazer, ter nagedachtenis aan een stormramp in 1883 waarbij 83 vissers het leven verloren.

„Hoort een schip in de kerk thuis?” We laten dat aan het oordeel van de kerkenraad over. Belangrijker is hoe ons levensscheepje eruitziet. Liggen wij op de goede koers?

Urk spant de kroon met scheepjes in de kerken

Op Urk bezitten alle protestantse kerken, van welke signatuur dan ook, een of meerdere scheepjes.

Aan het eind van de Middeleeuwen ontstond in de kustplaatsen van veel Europese  landen de gewoonte om scheepsmodellen aan kerken te schenken. Deze traditie scheen in de achttiende en negentiende eeuw weer op haar retour. In de twintigste eeuw is er een opleving te constateren. Over het hoe en waarom van scheepjes in kerken is uit oude notulen, weinig te halen. Hoogstens in een kasboek een eenregelige vermelding voor een uitgave betreffende een reparatie of onderhoud.
In de eerste plaats moet er bij scheepjes in de kerken aan gedacht worden dat deze dienen als sieraad. De welgestelden schonken in vissersplaatsen vaak kostbare geschenken. Zeelieden wilden niet achterblijven en gaven bij de opening van een kerk een eigengemaakt voorbeeld van een schip. In overwegend roomse landen als Frankrijk, Italië en Spanje schonken zeevarenden een kerk een schip als votiefgeschenk (ex voto). Zij deden namelijk als zij in gevaar waren op hun schip een gelofte, dat zij, als zij weer behouden thuis mochten komen, aan de kerk een schip zouden schenken.

Prof. J. M. G. van der Poel, die een studie maakte over scheepjes in kerken, stelt in een krant die bij deze expositie verstrekt wordt, dat aangenomen moet worden dat de oudste modellen in ons land, die dateren uit de voor-reformatorische tijd, niet geschonken zijn door individuelen, maar door gilden van zeevarenden.
Na de Reformatie is het gebruik om scheepjes op te hangen of te plaatsen in kerken door de rooms-katholieken niet voortgezet. Van der Poel betwijfelt dan ook of de ex-votogedachte bij de Nederlandse zeevarenden ooit een rol heeft gespeeld. Het enige model in een roomse kerk is te vinden in de Mariakerk te Volendam. Het werd in 1961 door de aannemer bij de oplevering van de kerk geschonken.

Betekenis
Bij deze tentoonstelling wordt er op gewezen, dat het kerkvolk vaak een godsdienstige betekenis aan de aanwezigheid van het scheepje wilde hechten. Bij de schenking stonden de schenker vaak wereldse gedachten voor ogen. Momenteel zijn er in totaal ruim zeventig scheepjes in Nederlandse kerken te vinden, waarvan een derde na de Tweede Wereldoorlog werd geschonken. In vrijwel alle plaatsen zijn ze alleen terug te vinden in hervormde kerkgebouwen. Urk maakt hierop een uitzondering. Van het totaal aantal zijn er alleen al in Urk negentien terug te vinden in de verschillende kerken.
Daar een aantal scheepjes zich in de provincie Noord-Holland bevindt, zijn in deze provincie een auto- en een fietsroute uitgezet. Tijdens een dagje uit kunnen de scheepjes in hun oorspronkelijke omgeving bekeken worden.

De zeventiende- en achttiendeeeuwse scheepsmodellen in ons land zijn voornamelijk oorlogsschepen, koopvaarders, walvisvaarders of kleinere vissersschepen. In de negentiende en twintigste eeuw werden vooral modellen van vissersschepen in de kerken opgenomen, zoals haringbuizen, bomschuiten, botters en kotters. Naast de tentoongestelde scheepsmodellen zijn op de expositie schilderijen, prenten, tekeningen en foto’s te zien die de betekenis van scheepsmodellen in het kerkinterieur verduidelijken.
Voor de jeugdige bezoekers in deze vakantietijd is aan de tentoonstelling een kleurwedstrijd verbonden. Het restaurant van het museum Het Catharijneconvent in Utrecht heeft tijdens de duur van de tentoonstelling enkele speciale visgerechten op het menu staan, evenals een verrassing voor de kinderen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.