Rooms Katholieke St. Michaëlkerk

gelegen aan het Pastoor Koopmansplein.

Met Pinksteren 1955 werd begonnen met het door architect P. Starmans ontworpen grote kerkgebouw.
De stijl is gemengd: het heeft de trekken van een basilica, maar tevens grote ronde Romaanse gewelven die de kerk een monumentaal aanzien geven.
In de 40 meter hoge toren komen drie luidklokken, respectievelijk Michael, Petrus en Maria.
Het gebouw meet 48 meter lang, 20 meter breed en 16 meter hoog en telt 800 zitplaatsen.
De Utrechtse edelsmederij van Brom voorziet de kerk van een eigentijdse, straks belijnde set van tabernakel, altaarkruis en kandelaars.

Op 23 oktober 1956 komt de nieuwe bisschop van Groningen, mgr. P. Nierman, het kerkgebouw plechtig inwijden.
De parochie Vollenhove schenkt de nieuwe kerk het paneel met de afbeelding van de H. Aartsengel Michaël, afkomstig van de oorspronkelijke Michaëlkerk uit het verdwenen dorp Emmeloord op het eiland Schokland.

Angelustorentje

De kerk had vroeger een angelustorentje. Zie foto hierboven.
De angelusklok werd vroeger dagelijks geluid om 6 uur ’s morgens, op het middaguur en om 6 uur ’s avonds.
Dat waren de tijden waarop rooms-katholieken werden opgeroepen om het Engel des Heren (ofwel het Angelus) te bidden.
De enige kerk in Noordoostpolder met nog een angelusklok  is de RK kerk van Rutten

Franciscus Johannes Bernardus Koopmans (geboren te Tubbergen op 14 mei 1900) kwam in 1945 naar de Noordoostpolder.
Hij was een pastoor van Kraggenburg en werd in 1958 pastoor van Emmeloord en deken van de Noordoostpolder.
In 1968 ging hij met emeritaat;

Ongeluk

Pastoor Koopman, kapelaan Antoon Gerard Rientjes  en hun twee huishoudsters kwamen in de nacht van 1 op 2 oktober 1969 frontaal in botsing met een personenauto. Deze had moeten uitwijken voor een vrachtwagencombinatie die met pech langs de weg stond. Rientjes was op slag dood; zijn huishoudster en pastoor Koopman overleden later in het ziekenhuis

Ze zijn in Emmeloord begraven.

De betekenis van pastoor Koopmans strekte zich ook buiten de parochie, tot de hele poldergemeenschap-in-opbouw uit.
De K.V.P.-fractie in de gemeenteraad dringt er dan ook een jaar later bij B. en W. op aan om de naam Poststraat te vervangen door één die de nagedachtenis aan hem eert.
Bij die gelegenheid wordt ook het plein voor de kerk in de nieuwe naam betrokken.

De klokken zijn indertijd via de firma Hoogen in Duivendrecht besteld en gegoten door Petit en Fritsen te Aarle-Rixtel. De zwaarste heeft bij de z.g. klokkendoop de naam ‘Michaël’ (700 kg/doorsnede van 104 cm) ontvangen, de middelste is ‘Petrus’ (400 kg/doorsnede 86 cm) gedoopt en de kleinste is traditiegetrouw aan Maria gewijd (280 kg/doorsnede 78 cm).

stempel

Uit de digitale collectie van het Catharijneconvent in Utrecht. Het is een stempel van lood/zink waarmee theelepeltjes werden geslagen. Deze is van de H.Michaëlkerk van Emmeloord. Op het schip van de kerk is nog het fraaie angelustorentje te zien dat later is afgebroken (zie foto).
Heeft u nog zo’n theelepeltje ? Ik hou mij aanbevolen.

De Sint Michaëlskerk te Emmeloord

door: ANDRÉ VAN HOLK (Steunpunt Archeologie en Jonge Monumenten Flevoland) en HENK PRUNTEL (Nieuw Land Erfgoedcentrum)

Eén van de markantste kerkgebouwen in de Noordoostpolder is de Sint Michaëlskerk in Emmeloord. De kerk werd ontworpen door bouwkundige inspecteur van het aartsbisdom Utrecht Johannes Starmans en zijn zoon de architect Piet Starmans. De kerk, een schoolvoorbeeld van de Delftse School, werd in 1956 in gebruik genomen en doet nog steeds dienst als kerk. De Sint Michaëlskerk is één van de laatste basilieke kerken die in Nederland
werden gebouwd.
Het kerkelijk leven in de Noordoostpolder kende een moeizame start. De polder was in 1942 drooggevallen en door de oorlogsomstandigheden waren de voorzieningen gebrekkig en de verbindingen slecht. Aanvankelijk werd er gekerkt in de kantines van de tientallen kampen die ten behoeve van de tijdelijke huisvesting van de duizenden polderwerkers waren gebouwd. Pas in 1944 kwam in Marknesse een eerste katholieke noodkerk tot stand, niet lang daarna gevolgd door een tweede in Emmeloord. Op 29 september 1945 werd in de polder de Heilige Michaëlparochie opgericht. De naam werd ontleend aan de parochie op Schokland die bij de ontruiming van het eiland in 1859 was opgeheven.

1951-1956-Rooms-Katholieke-Kerk-en-later-cultureel-centrum

In 1949 werd besloten om in Emmeloord een parochiehuis te bouwen, dat voorlopig als kerkgebouw dienst kon doen en aan 450 kerkgangers plaats zou bieden. Het parochiehuis, een ontwerp van ir J.H. Froger (1920-1976), hoogleraar Bouwkunde aan de Technische Hogeschool te Delft, werd in 1951 in gebruik genomen. Al een jaar na de ingebruikname bleek het gebouw te klein te zijn. In 1953 werd in het centrum van Emmeloord grond aangekocht voor de bouw van een ‘echte’ kerk, de Sint Michaëlskerk. De kerk zou plaats bieden aan achthonderd personen, uit te breiden met tweehonderd plaatsen in de zijbeuken. In 1955 werd begonnen met de bouw van de kerk. Evenals bij de andere kerken in de Noordoostpolder werd de helft van de bouw- en inrichtingskosten gefinancierd door de  Directie van de Wieringermeer, de dienst die verantwoordelijk was voor de ontginning en inrichting van de Noordoostpolder, en de andere helft werd door de parochianen zelf betaald.
Zoals de meeste kerken in de Noordoostpolder is ook de Sint Michaëlskerk een exponent van de traditionele wederopbouwarchitectuur van de Delftse School. Grote inspirator van deze school was de katholieke stedenbouwkundige en architect dr. M.J. Granpré Molière (1883-1973), hoogleraar aan de Technische Hogeschool te Delft. Hij was voorstander van de eenvoud van de basiliek, het ideaal van innerlijke rust en beschouwing.
Volgens hem moest men zich in de bouw van een kerk beperken tot het elementaire en iedere uitbundigheid vermijden. Granpré Molière zag het kerkgebouw als “het grote teken van Gods tegenwoordigheid in de wereld”. Het moest daarom ook vooral harmonisch in een stad of wijk
worden ingepast.
De Sint Michaëlskerk in Emmeloord is de meest monumentale kerk in de Noordoostpolder en is één van de laatste basilieke kerken die in Nederland werden gebouwd.
Zij werd ontworpen door J.A.M. (Johannes) Starmans (1901-1964) en diens zoon P.H.A. (Piet) Starmans (1927-1991). Bij de bouw van de kerk werd gebruik gemaakt van traditionele bouwmaterialen, zoals steen en hout. De gevels zijn van lichtrode baksteen, de vensters en deuren van wit en bruin hout. Het dak is van zwarte pannen. De kerk heeft een halfronde apsis, lage zijbeuken en een slanke vrijstaande toren met opengewerkt lantaarn. Aan de
buitenkant heeft de kerk het aanzien van een antieke tempel, maar van binnen maakt zij eerder een romaanse indruk. Het orgel uit 1957 is van Valckx & Van Kouteren. De Sint Michaëlskerk werd ingewijd op 23 oktober 1956 door de eerste bisschop van Groningen, monseigneur P.A. Nierman.
Johannes Starmans was aartsbisschoppelijk bouwinspecteur van 1933 tot aan zijn dood in 1964. In 1957 werd hij lid van de nieuwe adviescommissie Kerkenbouw van het bisdom Groningen. Hij heeft onder andere de Sint Martinuskerk te Makkum (1939), de Sint Martinuskerk te Doorn (1951), de Sint Franciscuskerk te Emmen (1952) en de Parochiekerk van Lochem (1958) ontworpen. Met A.J.M. Vosman heeft hij het ontwerp gemaakt voor de
kapel Philosophicum Dijnselburg in Zeist, die in 1952 werd gebouwd als onderdeel van een groter geheel, onder andere een studentencomplex.
Ir. Piet Starmans was architect van het aartsbisdom Utrecht. Hij ontwierp rooms-katholieke kerken in Bergen (1951), Mourik (1951), Arnhem (1955), Eelde (1955), Nijkerk (1955), Bennekom (1958), Lunteren (1959), Sint Annaparochie (1959), Meppel (1960), Terschelling (1960), Brummen (1961), Herveld (1961), Hoonhorst (1962), Eerbeek (1965) en Frederiksoord (1965).

ANDRÉ VAN HOLK (Steunpunt Archeologie en Jonge Monumenten Flevoland) en
HENK PRUNTEL (Nieuw Land Erfgoedcentrum)

Bron reliwiki.nl

Geschiedenis

Geheel volgens plan wordt op 23 oktober 1956 de huidige H. Michaëlkerk (800 plaatsen) geconsacreerd door de eerste bisschop van Groningen, Mgr. P.A. Nierman. Met Pinksteren 1955 is begonnen met het door architect P. Starmans ontworpen grote kerkgebouw. De stijl is gemengd: het heeft de trekken van een basilica, maar tevens grote ronde Romaanse gewelven die de kerk een monumentaal aanzien geven. In de 40 meter hoge toren komen drie luidklokken, respectievelijk Michael, Petrus en Maria. Het gebouw meet 48 meter lang, 20 meter breed en 16 meter hoog en telt 800 zitplaatsen. De Utrechtse edelsmederij van Brom voorziet de kerk van een eigentijdse, straks belijnde set van tabernakel, altaarkruis en kandelaars. Op 23 oktober 1956 komt de nieuwe bisschop van Groningen, mgr. P. Nierman, het kerkgebouw plechtig inwijden. De parochie Vollenhove schenkt de nieuwe kerk het paneel met de afbeelding van de H. Aartsengel Michaël, afkomstig van de oorspronkelijke Michaëlkerk uit het verdwenen dorp Emmeloord op het eiland Schokland.

Ongeval

In de nacht van 1 op 2 oktober 1969 vindt er een ongeval plaats. Op de Kamperweg tussen Emmeloord en Ens heeft een frontale botsing plaatsgevonden waarbij de pastoors Koopmans en Rientjes en huishoudster Lena Averes om het leven komen. Een jaar later wijzigt de gemeente de naam Poststraat in Pastoor Koopmansplein (Het plein voor de kerk).

Het orgel

Sint Michaëlkerk - Emmeloord

Sint Michaëlkerk – Emmeloord

  • Kerk: H.Michaëlkerk
  • Soort kerk: Rooms Katholiek
  • Adres:  Noordzijde 1, 8302 GK, Emmeloord
  • Orgelbouwer: Valckx & Van Kouteren
  • Gebouwd: 1957
  • website: http://www.emmausparochie.net/h-michael/

De firma Valckx & Van Kouteren bouwde in 1957 een orgel voor de Sint Michaëlskerk in Emmeloord.
Het orgel was ontworpen met 22 stemmen. Acht registers werden echter bij de bouw gereserveerd.
Deze zijn later alsnog geplaatst.

Facebook : Op 3 april 1957 vindt de plechtige inwijding plaats van het grote orgel, gebouwd door de firma Valckx en Van Kouteren te Rotterdam. Het heeft twee klavieren en een vrij pedaal en is gebouwd volgens het electro-pneumatische systeem. Omdat het veel duurder uitviel dan was begroot, konden van de geplande 29 registers er een achttal niet gebouwd worden. Deze resterende registers kwamen pas in 1995, na een actie bij het 50-jarig bestaan van de parochie.

Technische gegevens

Manuaal I 5
Manuaal II 5
Pedaal 4
Totaal aantal stemmen 14
Manuaalomvang C-g”’
Pedaalomvang C-f’
Toetstractuur Electropneumatisch
Registertractuur Electropneumatisch
Windlade(n) Kegellade

Dispositie
Manuaal I: Prestant 8′, Roerfluit 8′, Octaaf 4′, Gedekte Fluit 4′ – nieuw, Prestant Quint 2 2/3′ – nieuw, Prestant 2′, Mixtuur IV-V sterk, Trompet 8′ – nieuw.
Manuaal II: Zingend Prestant 8′, Spitsgamba 8′, Bourdon 8′, Prestant 4′ – nieuw, Open Fluit 4′, Quint 2 2/3′ – nieuw, Gemshoorn 2′, Terts 1 3/5′ – nieuw, Hobo 8′ – nieuw, Tremulant.
Pedaal: Subbas 16′, Baarpijpbas 16′ – nieuw, Octaafbas 8′, Gedektbas 8′, Octaaf 4′.
Koppelingen: Manuaal I – Manuaal II, Manuaal I – Manuaal II 16′, Manuaal I – Manuaal II 4′, Pedaal – Manuaal I, Pedaal – Manuaal II, Pedaal – Manuaal II 4′.
Speelhulpen: 1 vrije combinatie, Vaste combinaties (pp – p – mf – f – ff – tutti), Automatisch piano-pedaal, Tongregisters af.

Overige dispositiegegevens
Verschillende disposities De geplande dispositie zou luiden:
Manuaal I: Prestant 8′, Roerfluit 8′, Octaaf 4′, Gedekte Fluit 4′, Prestant Quint 2 2/3′, Prestant 2′, Mixtuur IV-V sterk, Trompet 8′.
Manuaal II: Zingend Prestant 8′, Spitsgamba 8′, Bourdon 8′, Prestant 4′, Open Fluit 4′, Quint 2 2/3′, Gemshoorn 2′, Terts 1 3/5′, Dulciaan 8′, Tremulant.
Pedaal: Subbas 16′, Baarpijpbas 16′, Octaafbas 8′, Gedektbas 8′, Octaaf 4′.

De kerk is opgenomen als

Gemeentelijk monument Noordoostpolder

Lees hieronder de beschrijving:

St. Michaëlkerk

Noordzijde 1, Emmeloord
Postcode: 8302 GK

Aantal onderdelen: 3

  1. KERK,
  2. KLOKKENTOREN
  3. PASTORIE

Het is een samengestelde kerkelijk complex is gebouwd in 1955-1956 in opdracht van het r.-k, kerkbestuur van de Heilige Michael Parochie. De architecten waren P.H.A. Starmans en J.A.M. Starmans (jr.). De r.k kerk ‘Heilige Michael’ lijkt in eerste instantie van het type zaalkerk maar is in feite een
basiliek. Het kerkgebouw wordt gekenmerkt door een aan de Vroegchristelijke kerkarchitectuur refererende bouwstijl, wat in mindere mate ook geldt voor de klokkentoren en de pastorie. De pastorie is door middel van een als sacristie gebouwd tussenlid met de kerk verbonden en valt eveneens onder de bescherming. De werkzaamheden aan het complex werden uitgevoerd door de Fa. Jos Nijenhuis uit Arnhem.

Omschrijving

Centraal in Emmeloord gesitueerd complex, samengesteld uit een kerkgebouw, een klokkentoren en een pastorie, die alle zijn opgetrokken in schone baksteen vanuit vierkante en rechthoekige plattegronden. Kerk en de er door middel van een tussenlid mee verbonden pastorie staan onder een met grijze pannen gedekt schilddak. De toren heeft een plat dak. De pastorie is door middel van een bakstenen tussenlid met de kerk verbonden. Een toegevoegd, voornamelijk glazen tussenlid vormt de verbinding tussen de kerk en de min of meer vrijstaande campanille (klokkentoren). De gevelopeningen in
alle complexonderdelen zijn rechtgesloten.

Redengevende omschrijving

Het kerkelijk complex is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de stedenbouwkundige en de architectuurhistorische waarde.

  • Het kerkelijk complex heeft cultuurhistorische waarde vanwege de belangrijke plaats van de kerk in het geestelijke leven van de bewoners van de Noordoostpolder.
  • Het complex heeft architectuurhistorische waarde als een bijzondere uitdrukking van de naoorlogse kerkarchitectuur en vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de detaillering.
  • Het complex is van stedenbouwkundig belang vanwege de prominente situering in het oorspronkelijke stadsplan en het heeft ensemblewaarde vanwege de sterke visuele en functionele relatie tussen het kerkgebouw, de toren en de pastorie.
  • Het complex is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van in- en exterieur der complexonderdelen.

De kerk

Inleiding

De aan een plein staande r.-k. KERK ‘Heilige Michael’ met bijbehorende klokkentoren en pastorie zijn gebouwd in 1955-1956 in opdracht van het r.-k. Kerkbestuur van de Heilige Michael Parochie. De architecten waren P.H.A. Starmans en J.A.M. Starmans jr.. De kerk lijkt in eerste instantie van het type zaalkerk maar is in feite een basiliek. Het gebouw wordt gekenmerkt door een aan de Vroegchristelijke kerkarchitectuur verwante bouwstijl en is door middel van een eveneens onder de bescherming vallend tussenlid met de pastorie verbonden. De werkzaamheden werden uitgevoerd door de Fa. Jos Nijenhuis uit Arnhem.
In 1976 is de entree van het kerkgebouw gewijzigd.

Omschrijving
Vanuit een rechthoekige plattegrond in beton en schone baksteen boven een trasraam opgetrokken kerkgebouw onder een met grijze, verbeterde Hollandse pannen gedekt schilddak. Het gebouw heeft een hoog middenschip en wordt geflankeerd door lage zijbeuken met een plat dak. De kopgevels zijn hoger opgaand dan de zijgevels. Alle gevelopeningen zijn rechtgesloten. De oorspronkelijke buitendeuren hebben een verticale profilering. De drempels en de neuten zijn van hardsteen.
Het gebouw heeft een vrijwel symmetrisch, op het westen gericht vooraanzicht dat achter een brede, gemetselde toegangstrap staat. Het middelste deel van het hoog opgaande westwerk is terugliggend en een moderne variant van de klassieke porticus.
Deze gevelpartij is voorzien van een dubbele deur in het midden en een enkele deur aan weerszijden. De dubbele deur staat onder een betonnen latei die over de gehele breedte van het terugliggende deel van de gevel is doorgetrokken, Boven de deuren staan drie, met glas-in-lood ingevulde vensters. De laterale geveldelen zijn voorzien van grote, aangesmeerde spaavelden, waarvan de linker een klein venster met glas-in-lood bevat.
De brede porticus tussen de spaarvelden bevat twee gemetselde, rechthoekige kolommen, die door middel van een betonnen koppelbalk met de terugliggende gevel zijn verbonden. De breedte en de hoogte tussen de kolommen is als die van de spaarvelden.
Openingen en spaarvelden staan onder een doorgetrokken latei. De gevel heeft een rechte afsluiting met een dunne dekplaat.
De lage risalerende bouwdelen aan weerszijden van het hoofdvolumen zijn de kopgevels van de zijbeuken. De linker bevat een onder een latei staande deur, de rechter een met glas-in-lood ingevuld venster. De kopgevels zijn voorzien van hoeklisenen en worden afgesloten door een lijst die is samengesteld uit een dunne betonnen onderrand, siermetselwerk en een eveneens dunne dekplaat.
De linker zijde van de kerk bestaat uit de lage zijbeuk en de gevel van het schip daarboven. De langsgevel van de zijbeuk wordt vertikaal doorsneden door lisenen en drie, door vlakke lessenaardaken gedekte uitbouwtjes met gewelfde voorzijden. Ze bevatten biechthokjes en zijn voorzien van een dubbele deur voor de nooduitgang (de middelste) en smalle venstertjes (die aan weerszijden). De gevelvlakken tussen de lisenen bevatten vierkante vensters, de twee linker zijn blind. De gevel wordt beëindigd door een uitkragende lijst met siermetselwerk als die van de kopgevels. De oostelijke kopgevel van de zijbeuk is blind. De langsgevel van het middenschip wordt verstevigd door steunberen. De rechthoekige vensters zijn ingevuld met glas-in-lood en gevat in
betonnen kozijnen. De gevel wordt beëindigd door een lijst die is samengesteld uit een dunne betonnen rand, een laag siermetselwerk en een dikke betonnen deklijst. De hoger opgaande, iets smallere rechter travee is blind. De linker hoek wordt geaccentueerd door een opgemetselde schoorsteen. De kopgevel aan de oostzijde van de kerk is evenals de westzijde hoger opgaand dan de langsgevels.
Tegen de oostgevel (koorzijde) staat een halfronde absis onder een met leien in maasdekking gedekt half kegeldak. De halfronde gevel bevat twee rechthoekige vensters en wordt beëindigd door een lijst met siermetselwerk.
De zuidelijke langsgevel is vergelijkbaar met de noordgevel. De zijbeuk heeft in het midden een boven een gemetselde trap staand uitpandig portaal met dubbele deur onder latei en met leien in maasdekking gedekt tentdakje met een zinken bekroning. Enkele van de traveeën in de door lisenen doorsneden gevel bevatten een vierkant, met glas-inlood ingevuld venster. De zijbeuk is rechts verbonden met het tussenlid, dat de kerk met de pastorie verbindt. De langsgevel van het middenschip is symmetrisch en – op de schoorsteen na -identiek aan de andere langsgevel, met smallere, blinde buitenste
taveeên en vensters tussen de steunberen van de overige traveeën.
Het inwendige van de kerk is grotendeels in oorspronkelijke staat bewaard gebleven. Het hoge schip heeft een betegelde vloer, twee rijen met de oorspronkelijke banken aan een middenpad, een orgelgalerij aan westzijde, een koor met hoogaltaar aan oostzijde en een lage beuk aan de lange zijden. Het boogplafond van het schip is samengesteld uit Boheemse gewelven, die zijn voorzien van met keramische tegels beklede welfvlakken tussen gemetselde, over de muren doorgetrokken rondboogribben, De ribben rusten op betonnen kraagstukken met cannelures en zijn verbonden met de gemetselde kolommen, die ook de segmentboogvormige muraalbogen (scheibogen) tussen het schip en de zijbeuken van elkaar scheiden. De betonnen aanzetstenen tussen deze segmentbogen zijn voorzien van een kruis.
Het oorspronkelijke, maar in delen herplaatste altaar staat in de absis met half koepelgewelf, op een vrij hoog, betegeld podium met randen van zwarte natuursteen. In de dwarse muurdelen aan weerszijden van de absis bevindt zich een blinde rondboognis onder een uitgemetseld zaagtandfriesje. De orgel-/koorgalerij bevindt zich boven de ingangspartijen van het westwerk. De balustrade van de galerij steunt op twee, door middel van een betonnen koppelbalk met elkaar verbonden, eveneens van beton vervaardigde kolommen en is voorzien van een driedelige, houten borstwering met panelen. De kerkruimte had oorspronkelijk een open verbinding met het ingangsportaal, maar is tegenwoordig ingevuld met een transparante wand met deuren,
Het front van het orgel is samengesteld uit een aan twee zijden klimmend pijpveld aan weerszijden van een kleine centraal pijpveld. De pijpen staan boven een onversierde houten kas. De galerij heeft een symmetrische achterwand met een grote rondboog in het midden en een dichtgezette rondboog met deur aan weerszijden. De aan de ribben bevestigde verlichtingselementen dateren uit de bouwtijd van de kerk.
De zijbeuken hebben een plat plafond. De paneeldeuren in de noordgevel zijn van de biechtstoelen. De paneeldeuren in de zuidgevel zijn van het zijportaal en de verbinding met de pastorie. De trap in de zuidwesthoek voert naar de orgelgalerij, De ruimte in de noordwestelijke hoek fungeert als Stiltekapel.

Redengevende omschrijving
Het kerkgebouw is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de stedenbouwkundige en de architectuurhistorische waarde.

  •  Het kerkgebouw heeft cultuurhistorische waarde vanwege de belangrijke plaats van de kerk in het geestelijke leven van de bewoners van de Noordoostpolder.
  • Het gebouw heeft architectuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van de naoorlogse kerkarchitectuur en vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de detaillering.
  • De kerk is van stedenbouwkundig belang vanwege de centrale plaats in het oorspronkelijke stadsplan van Emmeloord en het heeft ensemblewaarde vanwege de sterke visuele en functionele relatie met de toren en de pastorie.
  • De kerk is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van het in- en het exterieur.

De pastorie

Inleiding

De r.-k. kerk Heilige Michael met bijbehorende PASTORIE en klokkentoren zijn gebouwd in 1955-1956 in opdracht van het r.-k. Kerkbestuur van de Heilige Michael Parochie. De architecten waren P.H.A. Starmans en J.A.M. Starmans (jr.). De pastorie is opgetrokken in een stijl (Stijlbenaming), die aansluit op die van de kerk. De kerk is door middel van een eveneens onder de bescherming vallend tussenlid, aan de zuidoostkant verbonden met de kerk. De bouwwerkzaamheden werden uitgevoerd door de Fa. Jos Nijenhuis uit Arnhem.

Omschrijving
Vanuit een rechthoekige plattegrond, in schone baksteen opgetrokken pand met verdieping onder een met verbeterde Hollandse pannen gedekt schilddak. De kap is voorzien van drie rechthoekige, houten dakkapellen met plat dak en twee opgemetselde schoorstenen op de nokken. De gevels worden beëindigd door licht uitgemetselde lijsten en een vlakke gootlijst van beton. Alle gevelopeningen zijn rechtgesloten en staan onder rollagen of lateien. De onderdorpels van de vensters zijn vervaardigd van grêstegels. De naar het zuiden gerichte voorgevel heeft rechts op de begane grond een entree met een diepliggende, boven een gemetseld stoepje staande glasdeur met hardstenen drempel.”De deur is gevat in een op hardstenen neuten staande kunsstenen omlijsting met in 1956 aangebrachte reliëfs van de hand van de kunstenaar I. Teeken. De deur wordt overluifeld door de op ij zeren kolommen steunende betonnen voetplaat van een balkon met ij zeren balustrade. Rechts van de entree bevinden zich twee zesruitsvensters. De verdieping bevat dubbele, boven de voordeur staande balkondeuren, een klein venster rechts hiervan en een reeks van vier vensters met klapraam en tweeruits
onderraam links van de balkondeuren.
De linker zijgevel bevat op de begane grond twee vensters en op de verdieping drie vensters als de verdiepingsvensters in de zuidgevel. De met het tussenlid verbonden achtergevel heeft op de begane grond een groot venster en op de verdieping vier kleine vensters. Het rechter deel van de achterzijde is verbonden met het tussenlid. Tegen de oostgevel – met linksonder twee kleine vensters – staat een verdiepingloze, rechthoekige uitbouw met een door een ijzeren balustrade omheind plat dak, een groot venster in de langere oostgevel en kleinere vensters in de kortere gevels. Op het plat van de uitbouw
komen twee glasdeuren uit. Tussen de deuren staat een vertikaal geprofileerde houten penant. Links op de verdieping bevindt zich een venster.
De pastorie heeft nog de oorspronkelijke ruimteïndeling en bezit in de woonkamer een schouw met historische tegels en een opstandingtafereel.
Het met de noordgevel van de pastorie verbonden tussenlid is gebouwd als sacristie, maar fungeert tegenwoordig als dagkapel. Het verdiepingloze bouwdeel staat onder een plat dak en is aan de oostzijde voorzien van een deur, twee vensters en een klein uitbouwtje onder lessenaardak, en aan de westzijde van links naar rechts van een boven een gemetseld stoepje staande, nieuwe deur en twee rechtgesloten, onder lateien staande vensters met glas-in-lood. De decoratieve beëindigingen van de gevels van het tussenlid zijn vergelijkbaar met die van de absis.

Redengevende omschrijving

De pastorie is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de stedenbouwkundige en de architectuurhistorische waarde,

  • De pastorie heeft cultuurhistorische waarde omdat het onlosmakelijk is verbonden met de kerk, die een belangrijke plaats inneemt in het geestelijke leven van de bewoners van de Noordoostpolder,
  • Het pand heeft enige architectuurhistorische waarde als een karakteristieke uitdrukking van de naoorlogse architectuur en vanwege het voor de bouwtijd zo karakteristieke materiaalgebruik en de detaillering,
  • Het huis is van stedenbouwkundig belang vanwege de plaats in het oorspronkelijke stadsplan van Emmeloord en het heeft ensemblewaarde vanwege de visuele en functionele relatie met de toren en het kerkgebouw.
  • De pastorie is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van het exterieur en delen van het interieur.

De Toren

Inleiding

De r.-k. kerk Heilige Michael met bijbehorende pastorie en KLOKKENTOREN zijn gebouwd in 1955-1956 in opdracht van het r.-k. Kerkbestuur van de Parochie Heilige Michael. De architecten waren P.H.A. Starmans en J,A,M. Starmans (jr.). De grotendeels vrijstaande klokkentoren is evenals de kerk gebouwd in een min of meer aan de middeleeuwse kerkarchitectuur verwante bouwstijl. De werkzaamheden aan het complex werden uitgevoerd door de Fa. Jos Nijenhuis uit Arnhem.

Omschrijving
Vanuit een vierkante plattegrond, in schone baksteen en beton opgetrokken klokkentoren. De toren heeft een trasraam en een iets smallere bovenste geleding die staat onder een platte afdekking. De vier zijden zijn vrijwel identiek. Tegen de oostzijde staat het tussenlid dat de toren met de noordgevel van de kerk verbindt. Iets hoger in deze torengevel bevindt zich een deur met Frans balkon. De twee smalle vensters tussen de deur en een wijzerplaat zijn diepliggend. De andere zijden zijn alle voorzien van een rechthoekig venster op de begane grond, twee smalle venstertjes als die in de oostgevel en een wijzerplaat van het uurwerk. De schacht van de toren wordt beëindigd door een betonnen lijst met cassetten en overhoekse, eveneens betonnen spuwers. De bovenste torengeleding bevat aan alle zijden een hoog, rechthoekig galmgat. De drie luidklokken hangen boven elkaar en zijn opgehangen aan de betonnen afdekking, die wordt verlevendigd door cirkelvormige randdecoraties en wordt bekroond door een op een goudkleurige pumeel staand kruis, De toren is met de kerk verbonden door middel van een smal, voornamelijk uit glas opgetrokken en plat tussenlid. De oostzijde van het tussenlid is voorzien van een dubbele deur. Het in de jaren …. gewijzigde tussenlid was oorspronkelijk samengesteld uit draadglas tussen betonnen staanders en is voor de
bescherming van ondergeschikt belang.

Redengevende omschrijving
De klokkentoren is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de stedenbouwkundige en de architectuurhistorische waarde.

  • De klokkentoren is van cultuurhistorisch belang vanwege de symbolische betekenis en omdat het onlosmakelijk is verbonden met de kerk, die een belangrijke plaats inneemt in het geestelijke leven van de bewoners van de Noordoostpolder.
  • De toren heeft architectuurhistorische waarde als karakteristiek voorbeeld van sobere, naoorlogse architectuur en vanwege het voor de bouwtijd en de functie zo karakteristieke materiaalgebruik en de detaillering.
  • De toren is van stedenbouwkundig belang vanwege de plaats in het oorspronkelijke stadsplan van Emmeloord, De toren heeft tevens ensemblewaarde vanwege de sterke visuele en functionele relatie met de pastorie en het kerkgebouw.
  • De toren is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid.

Eerste steen

Eerste-steen-Michaelkerk-Emmeloord

Kerkelijke luister in Emmeloord
Mgr. Th. Huurdeman wijdde een nieuwe kerk in

Overijsselsch dagblad 2 april 1951 Automatische tekstomzetting.

Kerkelijke-luisterNa de moeizame pioniers jaren, toen heel het kerkelijk, maatschappelijk en sociale leven no; moest worden opgebouwd op een ruige zilte zeebodem, is sedert ruim een jaar geleden een aanmerkelijke verandering ten goede ingetreden. De N.O.P. ontwikkelt zich thans ineen opzienbarend tempo. Het is of half Emmeloord nog inde steigers staat, en inde andere dorpen en ook op het land, ontwaren we dezelfde bouwnijverheid. De kerken en sociale, sociaal-hygiënïsche en culturele organisaties leggen eenzelfde activiteit aan de dag. Daarom kon het Zondag, Beloken Pasen, gebeuren, dat in Emmeloord een nieuwe kerk werd ge v/ij d, dat Kraggenburg omtrent Hemelvaart zover is en dat tegen september twee nieuwe katholieke scholen in Emmeloord en Kraggenburg in gebruik kunnen worden genomen.

Het houten kerkje te Emmeloord was reeds sedert lang te klein voor de 800 zielen tellende parochie. Toch was de pastoor nog niet toe aan een nieuwe kerk de hoofdplaats van de N-O.P. waardig, daar het nieuwe land zich nog in volle ontwikkeling bevindt en nog niet te zeggen valt, tot welk aantal de groep der katholieken hier zal uitgroeien-Daarom werd een flink gebouw opgetrokken, thans nog aan de rand van Emmeloord, maar straks in het hart van deze kern. Dit gebouw nu, zal de eerste jaren dienst doen als kerk en later wanneer de definitieve kerk gebouwd zal zijn geworden, krijgt dit nieuwe gebouw zijn eigenlijke bestemming, nl. parochiehuis, in welks nabijheid ook de nieuwe school komt.

Van verschillende woningen wapperde de driekleur onder een grauwe lucht. Bijna 500 gelovigen en gasten vulden het fraai met bloemen versierde kerkgebouw- Onder hen bevonden zich Ir- Minderhoud vertegenwoordigend de directie van de N.0.P., Ir. van Eek en Ir. van Steen eveneens van de N.0.P., de Zeer eer w. heren pastoors H- J-Schotten Reimer te Borne, J- H. Frank te Borne, H. F. Morselt van Lemelerveld, A. Grimmeiikhuizen van Vollenhove, F. M. van Leeuwen uit Utrecht en Th. W- van Dijk de eerste polderpastoor thans te Hoonhorst.

Eerste-steen-Michaelkerk-Emmeloord-BVoorafgegaan dooreen veertigtal bruidjes en de pastoors inde Noordoostpolder verrichtte Mgr. Th. Huurdeman, Vicaris van het Aartsbisdom, de wijdingsplechtigheid. Vervolgens droeg Mgr. Huurdeman met assistentie van pastoor F. J. Koopmans te Kraggenburg als diaken, pastoor A. Th. Weijs te Marknesse als subdiaken een Pontificale Hoogmis Het was Zondag feest in Emmeloord, dat zich veilig weet onder de schutse van de H. Michaël-Zeer in het bijzonder voor pastoor Th. M. Morselt en zijn. naaste medewerkers de heren kerkbeop voor zover ons bekend, de eerste in het nieuwe land. Onder de H. Mis hield pastoor Th- Morselt een korte predicatie, waarin hij voor alles God dankte voor dit heerlijke kerkgebouw. Voorts dankte de pastoor Z. Rm. Kardinaal de Jong, die we hier vertegenwoordigd zien door Mgr. Huurdeman, wien hij verzocht de dank der parochianen van Emmeloord over te brengen aan de Kardinaal voor de grote steun welke de parochie van Zijne Eminentie steeds mocht ondervinden. Voorts werd dank gebracht aan Mgr. Huurdeman bij wie nooit vergeefs werd aangeklopt en die, naar spr. hoopte nog jaren zijn krachten zal geven voor het Aartsbisdom en de N.O.P.

Ten besluite dankte pastoor Morselt de parochianen voor de bijzonders offers, de directie van dé N-0.P., die altijd de volle medewerking verleende bij de geestelijke opbouw en pastoor Koopmans, d’ie hier heeft gepionierd en de eerste steen van dit gebouw legde. Na de kerkelijke plechtigheid verenigden zich de genodigden in het Beursgebouw, waar de bouwpastoor en de kerkmeesters de gelukwensen in ontvangst namen. De dag werd besloten met een plechtig Danklof. Het was kerkelijk gezien een mooie, onvergetelijke dag, waarbij het aan luister niet heeft ontbroken.

De stijl va.n het kerkgebouw komt veel overeen met die van de andere grote gebouwen inde polder. Enorme spanten overhuiven het middenschip dat niet mind’er dan 301 zitplaatsen telt. Daarnaast is het mogelijk op het grote koor nog .100 zitplaatsen bij te plaatsen en 80 inde zijbeuken. Hier bevond zich het koor, dat onder leiding van de heer Grannerman de kerkelijke gezangen uitvoerde. Vorig jaar Mei werd deze kerk, gebouwd door Gebr. ten Den onder architectuur van Prof. Ir- J. H- Froger uit Delft aanbesteed voor f 124.500,—.

.

Straatnaam

Vanaf De Deel loopt in de richting van de Boslaan de BEURSSTRAAT, genoemd naar de beurs.
De verbinding tussen Beurstraat en Boslaan, langs het vroegere postkantoor, heette oorspronkelijk Poststraat. In 1970 werd de naam gewijzigd in PASTOOR KOOPMANSPLEIN.

Pastoor Koopman

Franciscus Johannes Bernardus Koopmans (geboren te Tubbergen op 14 mei 1900) kwam in 1945 naar de Noordoostpolder. Hij was eerst pastoor van Kraggenburg en werd in 1958 pastoor van Emmeloord en deken van de Noordoostpolder. In 1968 ging hij met emeritaat; op 2 oktober 1969 kwam hij ten gevolge van een auto-ongeluk , een frontale botsing op de Kamperweg tussen Emmeloord en Ens, om het leven en op 6 oktober werd hij te Emmeloord begraven. De betekenis van pastoor Koopmans strekte zich ook buiten de parochie, tot de hele poldergemeenschap-in-opbouw uit. De K.V.P.-fractie in de gemeenteraad dringt er dan ook een jaar later bij B en W op aan om de naam Poststraat te vervangen door een die de nagedachtenis aan hem eert. Bij die gelegenheid wordt ook het plein voor de kerk in de nieuwe naam betrokken.

NAP hoogtebout

Een peilmerk op de hoogte 2.330 onder NAP

Om overal in Nederland de hoogte ten opzichte van het NAP te kunnen bepalen, zijn er door het hele land ongeveer 35.000 peilmerken aangebracht. Deze NAP-peilmerken hebben een hoogte ten opzichte van het NAP en zijn verankerd in onder meer woonhuizen, bruggen, viaducten.
Zo kunnen we gemakkelijk de waterstand bepalen of de hoogte van een bouwwerk.
Vrijwel overal in Nederland is binnen de afstand van 1 km een peilmerk te vinden.

Meer info : klik hier

Kunst

Ook de boom groeit naar het licht - Joop Masséus

Ook de boom groeit naar het licht – Joop Masséus

  • Titel: Ook de boom groeit naar het licht
  • Kunstenaar: Joop Masséus
  • Plaats: Pastoor Koopmansplein
  • Materiaal: Cortén staal
  • geplaatst: 1995

Over het kunstwerk

Symbolischer kan het niet. De boom versus de geestelijke ontwikkeling en groei van de mens naar ‘Het Licht’.
Het object meet 20 meter.

In 2013 is het werk gerestaureerd en ‘hufterproof’ gemaakt.
De openingssymbolen werden verricht door pastoor Viktor Maagd en oud-pastoor Ketelaar
Ruimtelijk geplaatst in front van basiliek kerk van achter indirect verlicht.

Over de kunstenaar

Joop Masseus

Joop Masséus

Joop over Joop:

Joop Masseus is in 1935 geboren in Zwolle.
Naast zijn werk als (mode)ondernemerheeft hij zich al meer dan 50 jaar intensief beziggehouden met allerlei kunstdisciplines.
Na diverse opleidingen, sterk beïnvloed door 25 jaar expirimenteel theater maken, is Joop verworden tot een unieke kunstenaar en dichter met landelijke bekendheid.
Als docent, regisseur en acteur werkzaam om via geëngageerd politiek-documentair theater het leven te onderzoeken. Als ondertoon bewustwording.
Altijd zoekend naar nieuwe vormen en uitdrukkingsmiddelen, zeker ook in beeldende kunst. In 2009 vierde hij zijn 50-jarige jubileum als kunstenaar in de galerietuin met een grote overzichtsexpositie.
Zijn opleiding genoot hij aan de academie in Meppel, grafisch-centrum in Zwolle en van verschillende docenten in binnen- en buitenland. Divers werk is aangekocht door Provincie, Gemeenten, bedrijven, banken en particulieren.
Aangezien hij vaak de essentie van verschillende thema’s in dichtvorm onderzoekt, zijn er vele dichtbundels en kunstboeken van zijn hand verschenen.
In 2008 is Joop Masseus benoemd als polderdichter van de Noordoostpolder. De galerie ‘De Witte Boerderij’ van Joop en Netty Masséus is gevestigd aan de Espelerweg 11-2 te Emmeloord.
Wilt u de werken van Joop bewonderen, dan kunt u de galerie bezoeken na telefonische afspraak via telefoonnummer 0527 621 892.

Bron Joop Masséus .nl

Voorloper :

Geschiedenis van de geloofsgemeenschap

Meer dan een halve eeuw geschiedenis

In het begin van 1941 werd voor de eerste keer, nog vóór het droogvallen van de Noordoostpolder en tevens voor het eerst na de hervorming op het voormalige eiland Urk onder Tollebeek de Eucharistie gevierd. Eerst in de kantine van de dienst Zuiderzeewerken en later regelmatig ten huize van de familie Diender bij het gemaal Vissering.

In 1956 werd in het kamp Urkervaart een kleine ruimte van ongeveer 8 bij 6 meter ingericht, waar 14 september de nieuwe parochie van ’s Heren Verrijzenis te Nagele-Espel-Tollebeek tot stand kwam. Pastoor G.B. Sanders was de eerste zielzorger; kerkmeesters waren de heren Nol Meijer en Kees Koetsenruyter. Deze noodkerk werd gebruikt voor de viering van de Eucharistie tot 18 april 1957, toen op Witte Donderdag ’s avonds voor het eerst de H.Mis werd gecelebreerd in een nieuwe noodkerk, barak W 100 in het kamp Urkervaart.

In het kamp Nagele deed in die jaren een oude smederij dienst als noodkerk.

In Espel verzamelden zich de bewoners van het nieuwe land in de kantine van het kamp, dezelfde ruimte waar na de dienst weer gebiljart kon worden

Naast de zielzorg had pastoor Sanders de taak van drievoudige bouwpastoor. Bij het parochiële werk werd hij geassisteerd door de jonge kapelaan Scheepers.

In het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw werden drie prachtige kerkgebouwen in gebruik genomen. Tot stand gekomen door subsidies van staat en bisdom, maar niet te vergeten door grote financiële inspanningen van de eerste generatie parochianen.

Per 1 januari 1961 werden de drie parochiegemeenschappen in de drie dorpen zelfstandig. Met de ingebruikname van een modern bouwwerk ging de parochie Espel als eerste verder onder bescherming van de oorspronkelijke naam Verrijzenis des Heren. Pastoor Pieper, een Limburger afkomstig uit Frankrijk, werd de eerste pastoor.

De kerk van Nagele kwam onder de hoede van Sint Isodorus, beschermheilige van de landbouw.

Tollebeek tenslotte, ging verder als Sint Hubertus parochie (St. Hubertus, patroon van de jacht, een thema dat m.b.t. de naamgeving in het hele dorp centraal staat).

Bijna elke parochie had zijn eigen pastoor. Maar liefst tien pastores waren in die jaren in de Noordoostpolder werkzaam, een luxe die wij al lang niet meer kennen.

Alom was dynamiek. Jonge bewoners vol ambitie met jonge, groeiende gezinnen.

Pastoor Sanders bleef in Tollebeek van waaruit hij ook de parochie St. Isodorus van Nagele bediende. In mei 1973 ging hij om gezondheidsredenen met emeritaat. Zijn opvolger was pastoor De Goede, waarna in juli 1975 pastoor Andriessen, na jarenlang missionaris geweest te zijn in Tanzania, na een periode in Ens, pastoor werd van de parochies Nagele, Espel en Tollebeek. Nog niet in het bezit van een rijbewijs moest hij zich verplaatsen met een brommer, gekleed in een grote leren jas en vliegeniersmuts, die hij van een parochiaan had gekregen.

De ontwikkelingen binnen het kerkelijk leven van geheel Nederland bleven ook in onze parochie niet zonder gevolgen.

In juni 1988 kreeg het Instituut voor Sociaal Wetenschappelijk onderzoek, KASKI, opdracht van de dekenale Raad Noordoostpolder om advies uit te brengen over de pastorale organisatie van het dekenaat.

Er werden een drietal kernpunten gesignaleerd: een tekort aan priesters, een tekort aan financiën en mogelijk een teveel aan gebouwen. Voor onze parochies, – de kleinsten van het dekenaat -, was dit een gegeven waaraan gewerkt moest worden.

Toen in 1991 , naar aanleiding van de uitkomst van het KASKI-rapport, de samenvoeging van de parochies Espel, Nagele en Tollebeek plaats vond, waren de gemeenschappen in feite weer “terug bij af!”

De sluiting van twee van de drie parochiekerken was een pijnlijke en emotionele gebeurtenis. Met name voor de mensen uit die generatie, die door enorme inzet en grote financiële offers, de bouw van de kerken mede mogelijk hadden gemaakt. Aan de sluiting ging veel en intensief overleg vooraf.

Door veel te praten en de mensen hun gevoelens te laten uiten ontstond een proces van acceptatie. Men zag in dat een kleine gemeenschap van nog geen 900 gezinnen onmogelijk drie kerken kon onderhouden. Toen de beslissing eenmaal genomen was, was het alsof er een nieuwe mentaliteit in de parochie ontstond. “Samen de schouders er onder, we maken er wat van.” Een nieuwe parochie vraagt ook om een nieuwe naam, en zo werd het “Parochie van de Heilige Geest”. De centrale ligging was een belangrijk punt om te kiezen voor het open houden van de kerk van Tollebeek. Gelukkig werden zowel voor de voormalige kerk van Espel als die van Nagele zinvolle herbestemmingen gevonden.

Pastoor Andriessen is in januari 2000 met emeritaat gegaan, met dien verstande, dat hij nog vaak in diensten voorging. De parochie van de Heilige Geest kreeg in september 2004 weer een eigen zielzorger met de benoeming van Pastor Annie Schothorst. In 2014 is dit stokje overgedragen aan Pastor Wiebe Mulder. Het Interparochiëel Samenwerkings Verband(ISV) dat inmiddels zijn intrede gedaan heeft in de Noordoostpolder, en de daaruit voortkomende taakverdeling brengt met zich mee, dat de pastores nu heel de Noordoostpolder als hun werkgebied kunnen beschouwen.

Historie Emmaüsparochie

De Emmaüsparochie in de Noordoostpolder is op 1 januari 2015 ontstaan. De vier parochies die de polder toen nog telde, zijn sinds die datum als één parochie samen verder op weg gegaan in het voetspoor van de Emmaüsgangers. Op weg naar een nieuwe toekomst.

De Noordoostpolder is een nog jong gebied; voor de geschiedenis van de parochie hoeven we dus niet zo heel ver terug in de historie.

HOE HET BEGON

Pastoor Van Dijk, de eerste pastoor van de Noordoostpolder.

In 1941 geeft de bisschop van Utrecht aan kapelaan Van Dijk van de Utrechtse Jozefparochie, de opdracht om de zielzorg op zich te nemen van de katholieke arbeiders die bezig zijn de polder droog te leggen en in ontginning te brengen.

De eerste H.Mis wordt voor 30 mensen op Urk opgedragen op 31 augustus 1941. Het kost de pastoor die zich in Kampen heeft gevestigd vier uur om met de fiets en lopend over de polderdijk weer terug naar huis te komen.

Nieuw land wordt er in de polder geschapen, maar het is geen land zonder historie. De eilanden Urk en Schokland zullen immers deel uitmaken van het gebied.

De katholieke geschiedenis in onze contreien heeft zijn wortels op Schokland. Het kleine eiland heeft zich in de loop der eeuwen steeds met moeite kunnen verweren tegen de aanvallen van de Zuiderzee. Regelmatig overstroomde het eiland en werden er delen weggeslagen. In 1859 besluit de regering dan ook het eiland te ontruimen. De laatste pastoor van Schokland sluit na de hoogmis op 1 augustus 1859 met het kerkgebouw een stuk van de geschiedenis van het eiland af. Delen van de kerk worden na de afbraak gebruikt voor de bouw van een kerk in Ommen. De bezittingen gaan met de parochianen mee naar o.a. Vollenhove en Kampen.

Als bijna een eeuw later (in 1956) de St. Michaëlkerk in Emmeloord wordt ingewijd, schenkt de Nicolaasparochie in Vollenhove de nieuweling het houten paneel waarop de aartsengel Michaël is afgebeeld. Het is een van die bezittingen van de Michaëlkerk op de noordpunt van het eiland Schokland, die toen al Emmeloord heette.

Kerk H. Michaël

De polderwerkers woonden in barakkenkampen, waar soms wel zo’n driehonderd man moest samenwonen. Het elfde kamp wordt gevestigd op het droog gekomen Schokland. Op 18 oktober 1942 wordt daar voor het eerst sinds de ontruiming van 1859 weer een H.Mis gevierd.

VAN ÉÉN NAAR MEER PAROCHIES

Als in 1942 de Noordoostpolder droogvalt is er een nieuw gebied ontstaan van zo’n 48.000 ha. groot. De enige bebouwing wordt aanvankelijk gevormd door de verschillende barakkenkampen waar de polderwerkers zijn gehuisvest. Kerkdiensten worden daar op zondag in de daartoe omgebouwde kantine gehouden.

Het duurt tot september 1944 totdat in Marknesse de eerste hulpkerk kan worden ingewijd. Het is een eenvoudige houten barak waarin voor 170 gelovigen plaats is.

Kerk Marknesse

Pastoor Van Dijk moet om gezondheidsreden het werk in de polder aan een opvolger overdragen. Die opvolger komt ook uit Utrecht: F. Koopmans. Hij wordt de eerste officiële pastoor van de nieuwe parochie in de Noordoostpolder die op 29 september 1945 wordt opgericht. Als naam wordt natuurlijk die van de aartsengel Michaël gekozen, die ook de schutspatroon van het kerkje op Schokland was.

EMMELOORD

In 1946 wordt een houten noodgebouw aan de Moerasandijviestraat in Emmeloord ingewijd als kerkruimte.

Noodgebouw Emmeloord

In 1951 is het stenen gebouw aan de Noordzijde klaar dat voorlopig als kerk dienst kan doen, tot het weer te klein wordt en in 1955 het huidige gebouw kan worden ingewijd.

Ter gelegenheid van het vijftig jarig jubileum van de parochie wordt de gevel verfraaid met “de boom die naar het licht groeit’.

In de jaren ’40 verwachtte men dat er een zestal parochies zullen worden gesticht.

Na Emmeloord (Michaëlparochie) zal dat allereerst in Marknesse en Kraggenburg zijn. Pastoor Koopmans neemt de stichting van de parochie in Kraggenburg op zich en wordt deken van het dekenaat Noordoostpolder.

Met de groei van het aantal dorpen in Noordoostpolder neemt ook het aantal parochies toe. Immers in elk dorp moet een kerkgebouw komen voor de eigen katholieke gemeenschap.

KRAGGENBURG-MARKNESSE-ENS-LUTTELGEEST

In 1949 richt pastoor Koopmans het verzoek aan de aartsbisschop van Utrecht tot oprichting van een zelfstandige parochie in Kraggenburg. In december van dat jaar wordt dan de St. Johannes de Doper parochie opgericht. De parochianen komen bij elkaar in de kampen De Voorst en Zwartemeer. In 1950 wordt in het dorpsgebied van Kraggenburg begonnen met de bouw van een kerkgebouw in Romaanse stijl met de karakteristieke boogvensters. In april 1951wordt de kerk in gebruik genomen.

Kerk Kraggenburg

In Marknesse is sinds 1944 een noodkerk in gebruik, terwijl pas in 1948 begonnen wordt met de bouw van het dorp. Dan wordt het houten gebouwtje ook snel te klein en moet er een grotere kerk komen. In 1956 wordt met de bouw begonnen, waarna in 1957 de plechtige consecratie plaats vindt van de Onze Lieve Vrouwe Sterre der Zee.

Ook in Ens worden dezelfde stappen genomen. In 1949-1950 wordt een noodkerk gebouwd

( dat nu nog in gebruik is als parochiehuis en bekend staat als “’t Gebouwtje”.

Ens noodgebouw exterieur

Exterieur noodgebouw Ens

Ens noodgebouw interieur

Interieur noodgebouw Ens, (Gebouwtje)

In 1951 wordt de parochie Onze Lieve Vrouwe van Altijddurende Bijstand opgericht. In 1955 brengt de vicaris van het bisdom Utrecht een gedenksteen aan in het nieuwe kerkgebouw dat in de stijl van de “Delftse School” is opgetrokken. De gedenksteen is ingemetseld met 30 stenen van de oude kerk van Schokland. In 1956 komt de bisschop van Groningen de kerk inwijden.

De bewoners van Luttelgeest gaan aanvankelijk in kamp Oostervaart ter kerke in een omgebouwde barak, die met de protestantse gelovigen wordt gedeeld. De pastoor van Marknesse begint in 1955 aan de bouw van een kerk in Luttelgeest. De St. Josephkerk wordt in 1956 ingewijd.

Kerk Luttelgeest

In 1991 gaan de vier parochies van Marknesse, Luttelgeest, Ens en Kraggenburg samen verder als één parochie: parochie Heilige Ireneüs. In 2014 worden de kerken van Kraggenburg en Luttelgeest gesloten.

CREIL-RUTTEN-BANT

In de vijftiger jaren komen de dorpen Creil, Rutten en Bant in ontwikkeling.

In 1954 wordt de parochie van Creil gesticht met de H. Nicolaas kerk als ontmoetingsplaats.

Rutten volgt in 1957, waar een jaar later de Servatiuskerk kan worden gewijd.

Tot eind 1959 vormt Bant een onderdeel van de Michaëlparochie. Maar dan wordt ook hier een nieuwe parochie gesticht: de Heilige Ludgerus.

Kerk Bant

Door het teruglopend kerkbezoek en het afnemend aantal pastores worden in 1991 ook de drie parochies in het noordwestelijke deel van de polder samengevoegd. Dat wordt de parochie van De Goede Herder. De kerkgebouwen in Creil en Bant worden gesloten.

Kerk Creil

NAGELE-ESPEL-TOLLEBEEK

Ook in de dorpen Nagele, Espel en Tollebeek wordt eerst gekerkt in de houten barakken van de werkkampen. Maar aan het einde van de jaren vijftig zal in elk dorp een eigen kerkgebouw verrijzen.

In Nagele is dat de H. Isidorus,

Kerk Nagele

In Espel de Verrijzeniskerk en in

Kerk Espel

Tollebeek de H. Hubertus.

Kerk Tollebeek

Na ruim dertig jaar zelfstandigheid, wordt ook in dit deel van de polder samenvoegen van parochies een noodzaak. Vanaf 1991 gaan deze drie dorpen verder als één parochie: De Heilige Geest. De kerkgebouwen in Nagele en Espel worden dan onttrokken aan de eredienst en krijgen een andere bestemming.

EMMAÜSPAROCHIE 2015

Van één parochie in 1945 naar 11 in 1959. En van 11 naar 4 in 1991, weer terug naar één parochie.

Op 1 januari 2015 gaan de vier parochies in de Noordoostpolder; de Michaëlparochie, de Ireneüsparochie, De Goede Herder parochie en de parochie De Heilige Geest, samen verder als : Emmaüsparochie.

Veranderingen in kerk en samenleving vragen om nieuwe vormen van organisatie en geloofsbeleving. Daarmee staan we in een proces dat al jaren geleden is ingezet.

De R.K. geloofsgemeenschap van de Noordoostpolder is aan een nieuw stuk van haar geschiedenis begonnen: in het voetspoor van de Emmaüsgangers.

De reizigers naar Emmaüs (Lc 24, 13-35) ontmoeten op hun reis de verrezen Heer.

Het verandert hun leven voorgoed.

Uit de kranten :

 St. Michaëlkerk te Emmeloord door bisschop ingezegend

Nieuwsblad van het Noorden 23 oktober 1956

ingezegenddVanmorgen om kwart voor tien is te Emmeloord onder zeer grote belangstelling de St. Michaëlkcrk in gebruik genomen.

De bisschop van Groningen, mgr. P. A. Nierman, verrichtte de consecratie. De bijeenkomst werd om half twaalf gevolgd door een pontificale Hoogmis. tijdens welke plechtigheid een mannenkoor de vaste en wisselende gezangen uitvoerde

De bisschop werd maandagavond om kwart voor zeven bij de Hoogmoedbrug opgewacht door de landelijke ruitervereniging De Noordoostpolder. Vandaar begaf men zich naar de Kettingstraat, waar de muziekvereniging Emmeloord opgesteld stond met een aantal bruidjes De stoet begaf zich naar het terrein van de kerk. waar velen waren samengedromd. Bij de kerk defileerde de jeugd tezamen met de muziekvereniging en de ruiters, voor de bisschop. Na het defilé bracht een tweetal groepen mgr. Nierman een zanghulde. Pastoor T. M. Morselt sprak een openingswoord, waarin hij zei, dat de bisschop de kroon op het werk zou zetten, door als hoge dienaar van Christus het bedehuis in te wijden. ..Wij hebben bijna 7 jaar op dit kerkgebouw gewacht, zodat het u niet zal verwonderen, dat het ons haast niet mogelijk is. onze vreugde onder woorden te brengen”, aldus pastoor Morselt.

Een woord van welkom namens de parochianen werd gesproken door de heer C. J. F. Oomen, voorzitter van de commissie van ontvangst. Hij noemde deze kerkconsecratie een historische gebeurtenis van eminent belang voor de parochie. Op 29 september 1945 werd deze parochie gesticht, die een moeilijke opbouwperiode moest doormaken, zoals zoveel dingen in de Noord-Oostpolder. Bisschop Nierman richtte zich tot de ouders. hen wijzend op hun plicht de jeugd een voorbeeld te geven in het trouw bezoeken van de kerkdiensten. De bisschop betrad daarna het nieuwe kerkgebouw terwijl het kerkkoor onder leiding van de heer F. H. de Boer het „Sacerdos et Pontifex” zong. Hierna zong het r.-k. gemengd koor nog enige liederen onder leiding van de heer Van der Bles uit Marknesse. De kerk telt 786 zitplaatsen. Door de natte zomer kon het orgel nog niet worden geplaatst. Er komt een orgel in het kerkgebouw met 22 registers, waarvan er 8 voorlopig nog niet zullen worden geplaatst. Rondom de kerk is een zeer groot parkeerterrein aangelegd, terwijl een prachtige pastorie ter zijde van dit bedehuis is verrezen. De noodkerk zal voortaan dienst doen als verenigingsgebouw.

Van heden af kan men dus het verlichte kruis op de 40 meter hoge toren van verre zien. Drie klokken zullen de diensten aankondigen.

De domeinnaam :

www.deheiligegeest.nl

ter overname.