Vindplaatsen vliegtuigwrakken en scheepswrakken in het drooggevallen Flevoland

Wat betekenen die palen met die rode scheepjes en vliegtuigen ?

scheepswrakpaalWat nu de Noordoostpolder is, was vroeger de Zuiderzee. Toen in 1942 de polder drooggemalen was, vond men een groot aantal scheepswrakken op de voormalige Zuiderzeebodem. Veel van deze vindplaatsen zijn gemarkeerd met een paal met rood schip.


avro-lancaster-bomber-silhouette-f44545-mdHet IJsselmeer en de net drooggevallen Noordoostpolder lagen op de route van geallieerde bommenwerpers die richting Berlijn vlogen. De geallieerden maakten handig gebruik van de afwezigheid van Duits luchtafweergeschut. Bovendien waren er goed zichtbare oriëntatiepunten, zoals de Afsluitdijk en de oude Zuiderzee-eilanden. Helemaal veilig was de route over het IJsselmeer nu ook weer niet; de Duitsers stuurden jachtvliegtuigen af op de Geallieerde eskaders. Bij de luchtgevechten die daarop volgden, raakten soms Geallieerde (en ook Duitse) vliegtuigen zo zwaar beschadigd dat zij in het IJsselmeer of de polder neerstortten.

Uitgifte boek “Niets was normaal, alles was anders”

Op zaterdag morgen 24 oktober a.s. zal, in het theater ‘t Voorhuys, het boek “Niets was normaal, alles was anders” worden gepresenteerd.
De Commissaris van de Koning van Flevoland, de heer Verbeek, de burgemeester van Urk de heer Van den Bos en de wethouder van de Noordoostpolder de heer Wijnants zullen de eerste exemplaren in ontvangst nemen.

De bijeenkomst vindt vanaf 10 uur plaats in: Theater ’t Voorhuys Emmeloord.

Vanaf 28 oktober ontvangen de leerlingen van groep 8, van de scholen in de Noordoostpolder en Urk, het boek. Dit cadeau wordt gegeven vanwege het 75 jarige bestaan van de Verenigde Naties en 75 jaar vrijheid.
Namens stichting Ongeland,

Klik op de vliegtuigjes of scheepjes  voor meer informatie :

Herdenkingspalen in de Noord Oost Polder

1 NOP P-47D Thunderbolt 42-76372 Hannie Schaftweg 8
2 NOP P-51B Mustang 43-12264 Uiterdijkenweg 36
3 NOP Spitfire 9R-Z Westermeerweg 51 Paal-1-bord.jpg
4 NOP (6.2) B-24J Liberator 42-51495 Noorderringweg 11
5 NOP (6.1) B-24J Liberator 42-73495 Vliegtuigweg 19
6 NOP B-17G Flying Fortress 42-31189 Onderduikerspad 2
7 NOP (5.2) B-17F Flying Fortress 42-37751 Zuidermiddenweg 15
8 NOP (5.1) B-17G Flying Fortress 42-37950 Vliegtuigweg 5
9 NOP B-17G Flying Fortress 42-39856 Muntweg 6
10 NOP Wellington DX-X Baarlooseweg 21
11 NOP (3.3) Lancaster GT-Z (FOUT) Oosterringweg 5
12 NOP Lancaster JO-D Lindeweg 8
12 NOP Lancaster JO-D Lindeweg 8
13 NOP Lancaster OF-B Karel Doormanweg 56
14 NOP Piloot W.F Tudhope (Hampden B.Mk.l Schokland
15 NOP Messerschmitt Bf-109G=6 Schokland
Whitley Kleiweg

Oostelijk

en Zuidelijk Flevoland

Herdenkingspaal 1 Eskimolaan, Dronten Paal01.jpg
Herdenkingspaal 2 Oudeboschweg, elektrahuisje, Dronten Paal02.jpg
Herdenkingspaal 3 Alikruikweg 20, Biddinghuizen Paal03.jpg
Herdenkingspaal 4 Alikruikweg 35, Biddinghuizen Paal04.jpg
Herdenkingspaal 5 Mosselweg 8, Biddinghuizen Paal05.jpg
Herdenkingspaal 6 Kokkelweg 1, Biddinghuizen Paal06.jpg
Herdenkingspaal 7 Kokkelweg 8, Biddinghuizen Paal07.jpg
Herdenkingspaal 8 Meeuwenweg 12, Lelystad Paal08.jpg
Herdenkingspaal 9 Knarweg 8, Lelystad Paal09.jpg
Herdenkingspaal 10 Eendenweg 20, Lelystad Paal10.jpg
Herdenkingspaal 11 Natuurpark Lelystad Paal11.jpg
Herdenkingspaal 12 Zeebiesweg 25, Biddinghuizen Paal12.jpg
Herdenkingspaal 13 Lisdoddeweg 24, Dronten Paal13.jpg
Herdenkingspaal 14 Vuursteenweg 33, Swifterbant Paal14.jpg
Herdenkingspaal 15 Visvijverweg 57, Lelystad Paal15.jpg
Herdenkingspaal 16 Tarpanweg 3, Swifterbant Paal16.jpg

Colofon

Portal Emmeloord doet geen historisch onderzoek. Meerdere mensen / websites verrichten onderzoek en hebben soms een andere kijk op deze materie. Lees: ruzie. Zie ook de Stentor 9 sept 2019.
Ik toon hier slechts de bevindingen van St. Ongeland en Stichting 4 Mei Herdenking Dronten.   
St. Ongeland heeft geweldig goed veldwerk verricht. Pioniers en kar-trekkers. Maar niet alles klopt blijkbaar even goed,

  • Teunis Schuurman van de website  PATS  doet al jaren gepassioneerd, grondig, gedegen en zeer betrouwbaar onderzoek. Ga er maar van uit dat dat klopt.
  • Amateur-historicus Dick Breedijk uit Balkbrug tikt tot wanhoop de 4meiherdenkingdronten.nl op de vingers. Net als Teunis is hij een kenner, maar ja… ?!
  • Historisch Marknesse  doet zeer interessant deelonderzoek en verzorgen gastlessen op scholen .
  • Nopinoorlogstijd.nl  is ook actief op dit gebied en Hans Hollestelle verzorgt interessante lezingen in de Noordoostpolder.
  • En er doen er nog een paar alsof.

logo-deNoordoostpolder
In de media

Plaatje bemanning Stirling compleet

Deze foto werd 3 september 1942 gemaakt van de bemanning, RAF Oakington – Co-piloot Bob Clarke – RCAF niet afgebeeld (was die middag afwezig) l-r: Ron Crabtree, Harry Goddard, Ben Dallenger, Don Lamb, Bill Anderson en Peter “Scottie” Sandison (RAF)


WO2-onderzoeker Teunis “PATS” Schuurman uit Vollenhove heeft het plaatje van de bemanning van de Short Stirling Mk.I – W7569 – MG-D die op 16 september 1942 neerstortte ten zuidwesten van Lemmer compleet.
Schuurman had in de loop van de jaren wel een 4-tal foto’s en wat informatie vergaard voor de crew van piloot Ben Dallenger maar het was nog incompleet. Op 10 augustus 2020 kreeg hij echter een e-mail van Ian Bisset uit Nieuw-Zeeland met als inhoud:’Ik zie dat je de foto van mijn oom Harry nog niet hebt afgebeeld, bij deze een heel spaarzaam kiekje.’

oom Harry
Uit zijn eigen RCAF-database kon Schuurman de Canadeese co-piloot Bob Clarke ook afbeelden. Zes man in beeld. Nummer zeven Sandison was via zijn contact in Schotland alras getraceerd, neef Alex Sandison uit Thurso had echter geen duidelijke foto. Binnen twee weken kreeg de Nieuw-Zeelandse bemanning helemaal een gezicht via, Dennis Milne, de neef van de omgekomen Bill Anderson.

Schuurman is sinds 31 maart 2006 dagelijks bezig als WO2-onderzoeker. Hij tikt binnenkort de 50.000 uren speurwerk aan en heeft inmiddels 4000 pagina’s online. Inmiddels 720 families bereikt en nu de familie Sandison in Schotland verblijd met betere foto’s van hun oom Peter, dankzij Dennis Milne en het berichtje van Ian Bisset.

Crash
De Stirling was op weg naar Essen in het Ruhrgebied. Op de terugvlucht stortte het toestel rond 23.00 uur ten zuidwesten van Lemmer in het IJsselmeer. Vijf RNZAF bemanningsleden werden direct geborgen en begraven in Lemmer, twee anderen (Clarke en Sandison) werden later ten noorden van Urk langs de dijk gevonden en kregen hun laatste rustplaats op de Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam.

vliegtuigwrakken in de polderbodem

bron: Flevoland.nl

Als antwoord op de luchtaanvallen op onder meer Rotterdam gaf de Britse regering de Royal Air Force (RAF) opdracht om Duitse steden te bombarderen. Vanaf januari 1943 kreeg de RAF hierbij de steun van de United States Air Force.

Bommenwerpers
Het IJsselmeer en de Noordoostpolder lagen op de route van Geallieerde bommenwerpers die richting Berlijn vlogen. De Geallieerden maakten handig gebruik van de afwezigheid van Duits luchtafweergeschut (Fliegerabwehrkanone of Flak) in dit gebied. Bovendien waren er goed zichtbare oriëntatiepunten, zoals de Afsluitdijk en de oude Zuiderzee-eilanden.

Neerstorten
Helemaal veilig was de route over het IJsselmeer nu ook weer niet; de Duitsers stuurden jachtvliegtuigen af op de Geallieerde eskaders. Bij de luchtgevechten die daarop volgden, raakten soms Geallieerde (en ook Duitse) vliegtuigen zo zwaar beschadigd dat zij in het IJsselmeer of de polder neerstortten.

Bemanning
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn ongeveer 160 militaire vliegtuigen in het IJsselmeer gestort. Soms wisten bemanningsleden zich met parachutes te redden. Anderen kwamen bij de crash om het leven. Vaak werden de lichamen door vissers geborgen. Soms spoelden bemanningsleden ergens langs de IJsselmeerkust aan zonder dat ze konden worden geïdentificeerd. De gesneuvelden werden dan op lokale kerkhoven in een naamloos graf ter aarde besteld. Er waren ook bemanningsleden die met vliegtuig en al in het IJsselmeer stortten en naar de bodem zonken.

Apparatuur
Als Geallieerde vliegtuigen neerstortten in de Noordoostpolder probeerden verzetsmensen eventuele overlevenden te redden en kostbare zendapparatuur, wapens en munitie uit het toestel te verwijderen. Uiteraard probeerden de Duitsers dat te voorkomen.

Wrakken
De wrakdelen die in mei 1945 nog in de Noordoostpolder lagen, zijn door schroothandelaren verwijderd. Vliegtuigen die in het IJsselmeer waren gestort, werden in de eerste naoorlogse jaren incidenteel door Rijkswaterstaat geborgen, bijvoorbeeld na een melding van een visser die zijn netten aan een wrak had stuk getrokken.

Vondst
De berging van vliegtuigwrakken ging een nieuwe fase in na het droogvallen van Oostelijk Flevoland in 1957 en Zuidelijk Flevoland in 1968. Wrakken die jarenlang op de IJsselmeerbodem hadden gelegen, zagen weer het daglicht. Ook werden bij de aanleg van wegen of afwateringskanalen vliegtuigen gevonden die diep in de voormalige IJsselmeerbodem waren weggezakt.

Bergingen
Aanvankelijk werden wrakdelen en munitie eenvoudigweg opgeblazen. Vanaf 1960 was het beleid erop gericht de wrakken te bergen en eventuele lichaamsresten te identificeren. Deze taken werden uitgevoerd door de Bergingsdienst van het Depot Vliegtuig Materieel (DVM) van de Koninklijke Luchtmacht. In 1962 werd Gerrit Zwanenburg (1928-2016) bij dit werk betrokken, eerst als vrijwilliger maar vanaf 1967 als hoofd van de Bergingsdienst. Hij bekleedde deze functie tot 1987.

Lichting
Het werk in de IJsselmeerpolders plaatste Zwanenburg en zijn team voor bijzondere uitdagingen. De wrakken waren vaak moeilijk te bereiken doordat ze in zachte en drassige bodem lagen. Soms was het gebied begroeid met metershoog riet. De bergers begonnen, na het ontvangen van een melding, met het in kaart brengen van de precieze ligging van het wrak. Ze gebruikten hiervoor metaaldetectoren. Daarna werd het wrak voorzichtig uit de bodem gelicht. Voorkomen moest worden dat onderdelen die nuttig konden zijn voor de identificatie van vliegtuig en bemanning, verloren zouden gaan. Bovendien was de kans aanwezig dat zich in of bij het toestel nog onontplofte bommen bevonden. Zulke wapens moesten door de Explosieven Opruimingsdienst (EOD) van de DVM onschadelijk worden gemaakt.

Gegevens
Iedere vliegtuigmotor was voorzien van een plaatje met een uniek nummer. Met dit nummer kon Zwanenburg het wrak identificeren. Daarna werden in militaire archieven logboeken en squadrongegevens opgevraagd. Aan de hand van zulke documenten kon worden vastgesteld of de bemanningsleden de crash hadden overleefd dan wel waren omgekomen of als vermist te boek stonden. Zulke gegevens waren vooral van belang als de Bergingsdienst in het vliegtuig stoffelijke resten had gevonden. Als men geluk had, werden bij de lichaamsresten identiteitsplaatjes aangetroffen. Zo niet, dan werden de lichaamsresten nader onderzocht. Via de Britse, West-Duitse of Amerikaanse ambassade werd medische informatie (bijvoorbeeld gebitsgegevens) opgevraagd van vermiste bemanningsleden. Zo konden de meeste gesneuvelden worden geïdentificeerd.

Erfgoed
In de jaren 1960-1987 heeft de Bergingsdienst in de IJsselmeerpolders 36 vliegtuigen geborgen. In zes Geallieerde en twee Duitse vliegtuigen werden lichaamsresten ontdekt. In het IJsselmeergebied worden nog steeds vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog gevonden. Sinds 2010 worden overblijfselen uit de oorlog bestempeld als erfgoed. Deze resten vallen sinds kort onder de Erfgoedwet (archeologische monumentenzorg).

.

avro-lancaster-bomber-silhouette-f44545-md

crashpalen, vliegtuigwrakken en scheepswrakken in Flevoland